Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verloochening maakte wederkeerig indruk op hem. Hij leerde slecht en ongaarne, Wigand studeerde met ijzeren vlijt dag en nacht. Dat maakte den oudere beschaamd.

Dikwijls werkte Wigands voorbeeld uit, dat hij zich neerzette en een korten tijd beproefde iets te leeren. Landen bevorderde het, en aan zijne beden en aansporingen gelukte het, den jongen Eikhoff zoover te brengen, dat hij tenminste het getuigschrift van voldoend genoten onderwijs ontving.

Daarvoor waren hem de ouders onbeschrijfelijk dankbaar, en zij misten Wigands invloed des te smartelijker, toen hij naar de landbouwschool te Proskau vertrok.

Toen was het uit met de vlijt van den neef. Jaren lang bleven de jonge mannen gescheiden, nauwelijks zagen zij elkander bij gelegenheid van het kortstondig Kerstbezoek.

Ook de briefwisseling verflauwde langzamerhand. De een was te vlijtig, de ander te traag er voor. In Wigands herinnering leefde Joël voort, zooals hij hem vroeger als scholier had gekend. Zijn talent weefde een soort van stralenkrans om hem, hij stond onveranderd vóór Landens geestesoog, zooals hij hem vroeger vol naieve kinderlijkheid had beoordeeld en bewonderd.

En nu ging hij de stille, smalle houten trap, welke naar zijn zolderkamer voerde, op, om het portret van den zoo hartelijk beminden en zoo zeer belasterden makker te halen.

Hij droeg de kleine ganglamp in de hand en zijn schaduw viel reusachtig, schier spookachtig op den helder gewitten muur.

De storm deed de vensters schudden, zoodat de witte gordijnen door den tocht heen en weder bewogen.

Wigand opende de latafel en nam uit de moeielijk schuivende bovenste lade een album, dat grooter van omvang, dan van waarde was. Het bevatte de portretten zijner bloedverwanten en die zijner vrienden.

Sluiten