Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gevoelen, nimmer de eer en de waardigheid van haar huis uit het oog zal verliezen."

„Ik vrees, dat Joëls lichtzinnige aard geen goeden invloed op haar uitoefent. Haar karakter had behoefte aan strenger en krachtiger leiding en de vrijheid en de gedurige aansporing door den zoon deugen niet voor haar. Je correspondeert toch met Joël, - wat schrijft hij eigenlijk over de gemoedsstemming zijner moeder? Is zij nog in diepen rouw of verkeert zij reeds weder onder de menschen? Volgens hare eigene brieven schijnt zij Erika in een grooten, zeer gezelligen en levenslustigen kring te willen introduceeren ?"

„Het jaar van rouwen is toch reeds sinds ettelijke maanden verstreken, tantelief," antwoordde Wigand, handig de netelige vraag ontwijkende, — „en gij moet bedenken, dat Joëls carrière een opgewekt en gezellig leven vordert. Wil hij iets bereiken, dan moet hij vóór alle dingen een trouw kader van kunstenthusiasten aan zijn huis ketenen, vooral thans, nu de première van zijn opera vóór de deur staat."

„Je meent dus werkelijk, Wigand, dat men niet door slechten invloed en verkeerd voorbeeld de jonge ziel op een dwaalspoor kan brengen?" —Weder een korte pauze. Daarop ontmoette Landens blik, met een uitdrukking van vaste, fiere overtuiging, het bleeke, als versteende gelaat van het jonge meisje.

„Neen, tante!" zegt hij, terwijl hij diep ademhalende het hoofd schudt, „daar ben ik niet bang voor. Erika is veel te goed en edel van aard, ziet veel te scherp en is te vrrstandig, om — in weerwil van haar jeugd verguldsel voor goud te nemen! Haar gezonde, reine zin zal zich noch laten verblinden noch op een dwaalspoor leiden, zij zal vast en fier haar eigen, rechten weg gaan, — dat verzeker ik u naar mijn heiligste overtuiging! — Bericht Mevrouw de Geheimraad gerust, dat zij hare uitnoodiging aanneemt, en God geve, dat zij een zonnigen, vroolijken tijd tegemoet ga!"

Hij was opgestaan en Mevrouw Koltitz stak hem

Sluiten