Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hoe herinner ik me thans dien brief weder, en hoe \ uit luj mijne onvolledige vermoedens aan!"

Landen was opgestaan en liep met gefronsd voorhoofd in het salon op en neder.

„Een Grieksche visscher kan zeer zeker niet de leermeester van een academisch ontwikkeld musicus worden, hoogstens —" zijne lippen plooiden zich tot een scherpen trek en zijn anders zoo aangename stem klonk als ironie — „hoogstens kon hij hem leeren, schoone melodieën snel in noten vast te houden. —

och laat dat wezen, zooals het wil, ons vermoeden moet ons geheim blijven. — Geve God, dat zich de \ erachtehjke lichtzinnigheid niet met smaad en schande wreken moge!"

„Ach, Wigand, waarom blijven wij nog hier?"

Het was of een verheerlijkende glans zijn gelaat bescheen. Hij trad naar haar toe en boog zich over haar blonden schedel. „Zou je weer naar huis, naar ons stil, met sneeuw bedekt heidedorp willen, Erika?"

Hij sprak zacht en desniettemin klonk er een jubeltoon door zijn stem, welke hemelhoog juichend in staat zou zijn^ een gansche wereld te doorklinken.

Zij zuchtte diep, haar blik schitterde als die eener verheerlijkte.

„Och ja, laten we huiswaarts keeren!" fluisterde zij,

„wij toefden toch hier in de bonte, zonderlinge wereld

an8" genoeg, om het voldoende te beseffen, hoe heerliik het thuis is!"

„Onmiddellijk vertrekken kunnen wij onmogelijk, n de eerste plaats zou Joël denken, dat zijn onhoffelijk gedrag je beleedigd had, en het conflict tusschen hier en Ellerndörp was ontstaan; ten tweede heeft tante LU) ter eere van jou de uitnoodigingen tot een bal aten verzenden, en ten derde — vergeef me mijn egoïsme nichtje — zou ik gaarne ' nog de laatste voordrachten hooren, welke uiterst leerzaam zijn en juist voor den toestand van den Ellerndörpschen bodem interessant beloven te worden! Heb dus nog korten

Sluiten