Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tijd heeft gebracht, hebben het laatste kleine overschotje van zelfkennis in hem verstikt.

Hij heeft er nooit over nagedacht, dat hij aan Spiro Malia zijn succes heeft te danken, — aan hem alleen. — Als men hem, als den componist der opera, huldigde, heeft hij zelf gemeend, dat hij het was.

En hij heeft elke hulde aangenomen in de overtuiging, dat hij ze ruimschoots verdiende.

Zijn aanmatiging heeft al te diepe wortelen geschoten, om zich door den storm van één enkele vrees overhoop te laten blazen.

Als een componist een opera als de Dorpslurley heeft voortgebracht, kan hij het publiek gerust elk ander, nog zoo onbeduidend werk voorzetten, het eerste succes sleept allen anderen arbeid met zich omhoog en door de première heen, — heeft men dat niet reeds o zoo dikwijls in den laatsten tijd kunnen waarnemen? — — Een stuk, dat menschen trekt! —water op volgt, kan zijn zooals het wil —• de stralen van den roem van het eerste reflecteeren ver terug.

En waren zijne melodieën, welke hij toendertijd ter zijde legde, omdat Spiro Malia de zijne zoo gemakkelijk opdischte, iets minder schitterend en betooverend, dan die van dien armzaligen wijnbergarbeider?

Zeker niet. — Joël is van oudsher zeer ingenomen met zijne scheppingen geweest, hij houdt zich ook thans overtuigd, dat hij met zijne eigene composities hetzelfde schitterendste succes zal hebben, dezelfde triomfen behalen als met die van Spiro.

Vóór alle dingen moet hij zich van Daphne verzekeren. Hij moet haar bestormen, dat zij zoo spoedig mogelijk een nieuwen tekst voor hem schrijve, opdat hij onmiddellijk aan den arbeid kan tijgen.

Moet hij terstond in den loop van den dag tot haar gaan en de zaak in het reine brengen? — Hij is afgemat tot omvallens toe, volstrekt niet in een stemming om te kirren en te kozen. Wellicht is al te groote overijling in de oogen der aanmatigende kleine vrouw

Sluiten