Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het hoofd in de hand rusten en drukte mismoedig de handen op elkander, als geen, ook zelfs geen enkele bezielende gedachte achter het voorhoofd opvlammen wilde.

Welk een foltering was zulk een werk, waarin men geen lust en geen zin had, waarbij uur aan uur verliep, eer hij aan zijne onproductieve hersenen een paar noten had afgeperst.

Maar de ijzeren, bittere noodzakelijkheid zat hem op de hielen en gedoogde geen uitstel meer; het gold zijn toekomst, zijn bestaan; hij moest een opera laten opvoeren, waarin men geene melodieën van Spiro Malia kon aanwijzen. — En daar hij dat zelf inzag, daar hij geen lust had, uitsluitend van de genade en de grootmoedigheid zijner rijke gade af te hangen, zette hij zich tandenknarsend van verkropte woede aan den arbeid en schiep een werk, waarbij alleen de dertiende toovergodin, maar geen der lieflijke Muzen als meter had gestaan.

Desniettegenstaande was hij ook thans de verblinde, ingebeelde Joël Eikhoff van vroeger, die zichzelf en zijne kunst voor onfeilbaar hield, die meende, dat het publiek zich toegevend het looze kaf liet opdisschen, nu hij eenmaal een paar graankorrels op het altaar van Euterpe had neergelegd.

Haastig en overijld maakte hij het werk af, waarnaar de handen van den agent zich ongeduldig uitstrekten.

Hij was man van zaken, en aan den kok gelijk, die gaarne zeer snel het tweede gerecht opdient, als de eerste spijs is gebruikt en bijval gevonden heeft.

HOOFDSTUK XXV.

Het werd gaandeweg zeldzamer, dat het jonge echtpaar de maaltijden gemeenschappelijk gebruikte.

Sluiten