Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wangen waren gerimpeld, en de oogen lagen diep in de kassen.

Daphne zag er daarentegen beter uit. Zij was reeds gefriseerd en „gereed gemaakt , het poeder lag op de wangen en de anders overdag zoo mat en geesteloos starende oogen fonkelden deels van beslistheid, deels van trots. Zij droeg een nagelnieuwe, hoogst elegante matinée van matblauwe zijde en daarbij passende, met goud gestikte pantoffeltjes.

Ongetwijfeld was Mijnheer laygetos tot een morgenvisite uitgenoodigd geworden en had hij misschien ook naar het lieve goochelspel tusschen de zingende godin en het „blonde lievelingetje" mogen luisteren.

Onverschillig liet hij zijn blik op haar slanke gestalte rusten.

„Wat wil je?" vroeg hij kort.

Zij wierp zich in een stoel en zag er zeer vastberaden uit. „Wat ik wil? Je in allerijl meêdeelen, dat ik heden naar Ostende zal vertrekken."

„Wat, voor den duivel! Alleen?"

Zij haalde de schouders op. „Als jij niet meê wilt, zeer zeker."

„Neen, ik wil niet meê."

„Goed. Dan zullen we toch deze korte scheiding kunnen doorstaan, zonder dat onze harten breken! Hare lippen krulden zich spotachtig. „ Of heb je anders. nog wat in het midden te brengen?"

„Niet het minste."

Hare oogen schitterden. Zij stond op, trad naderbij en legde vleiend den arm om zijn rug. „Je geeft me dus verlof? Hoe goed van je, beste man, en hoe verstandig! Je weet, de afwezigheid is voor de liefde, wat de storm voor het vuur is. Hij doodt het kleine vonkje en blaast de vlam aan tot een laaien gloed! — Ik heb behoefte aan uitspanning, ik ben zoo nerveus! De lucht hier doodt me! — Niet waar, liefste, je gunt me een tijd van verkwikking?"

Hij maakte zich uit hare omarming los. „Zeker gun

Sluiten