Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Groot was zijn werkkracht , veelzijdig en veelomvattend zijn arbeid.

En zonder vrees voor tegenspraak durf ik zeggen: wat hij deed, dat deed hij goed.

In alles wat hij aanvatte bleek hij de rechte man op de rechte plaats, geschikt en bekwaam voor elke werkzaamheid in den wijngaard des Heeren. Zijn optreden was eenvoudig en beslist, bescheiden en vrijmoedig, bedachtzaam en onversaagd. Zijn stijl was klaar en welverzorgd. Zijn voordracht, mits de inhoud zulks gedoogde, kenmerkte zich door een toon van frissche vroolijkheid en — hij sprak nooit als hij niets te zeggen had.

In het kleine was hij stipt, en in het groote getrouw.

Looman was een man van groote verdienste, in zijn kring een groot man.

De belangrijke diensten door Looman, aan de hoofdstad, het Vaderland en daar buiten bewezen, zijn tijdens zijn leven, op onderscheidene wijzen, door hoog- en laag- geplaatsten, bij herhaling erkend. Ook wij smaakten, meer dan eens, het genoegen, bij bijzondere gelegenheden, met bewijzen van vereering en vriendschap hem te mogen begroeten.

De Hollandsche Kerk in de Kaap-kolonie, bood vóór meer dan veertig jaren een predikantsplaats hem aan. En 't wil mij voorkomen, dat de Ned. Herv. Kerk, zoo zij Looman tot het ambt van herder en leeraar bevoegd had verklaard, een daad zou hebben verricht, waarop zij met een gerust geweten, het oordeel van den Heer der Kerk had kunnen inwachten.

Zelfs onze geëerbiedigde Koningin, heeft door Looman's benoeming tot ridder in de Orde van Oranje-Nassau, zijn verdiensten openlijk gehuldigd, 't Heeft mij verwonderd, dat na zijn verscheiden, niemand van deze Koninklijke onderscheiding melding heeft gemaakt.

Anders pleegt men, na het overlijden van een ridder, dit toch wel te doen.

Ik weet broeders, wij allen, zonder uitzondering stemmen van heeler harte in, met den lof broeder Looman toegebracht.

En toch, hoeveel eer den //begaafden" Looman moge bewezen zijn het beste, het voortreffelijkste, was niet gelegen in zijn gaven, noch in zijn uitgebreiden arbeid.

Ziet, karakter gaat boven talent, godsvrucht is meer dan kunde, deugd staat hooger dan arbeid. Niet begaafdheid, of weten, of doen,

Sluiten