Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

November nog eens te examineeren, „teneinde ze te ,,bekwamen voor het examen dat staat gehouden te „worden in liet bijzijn van Zijne Hoogheid". De Commissie, de heer Hoofdschout Van Heusden aan hethoofd, verkrijgt ,,audientie" op den '23«ten November, en de belofte dat de Prins Maandag 14 December 's avonds te zes uren ter vergadering zal komen, 's Prinsen leermeester (thans Raad en Rekenmeester) Prof. Tollius verzoekt bij het voorloopig examen van 26 November tegenwoordig te zijn, en deelt hun het verlangen van den Prins mede, dat den leerlingen

O _ O

prijzen mogen worden uitgereikt. Zou Prof. Tollius zich eerst hebben willen overtuigen of de jongens een dragelijk figuur maakten, en zoo niet, dan aanraden om van de proefneming in het bijzijn van den Prins af te zien ? Hoe dit zij, zeker is het dat de jongens van het examineeren de volle maat hebben gekregen.

Stelt u nu voorden avond van den 1 -kienDecember. Aan het huis van den Eector der Latijnsche scholen (thans de voorzijde der H. B. School; L. Wensinck Rouveroy, staan de studenten-leden geschaard, velen hunner beliooren tot voorname familien in de stad of van elders. De student A'an Heusden, de zoon van den Schout, heet den Prins welkom. Aan de trap van de Gehoorzaal der Latijnsche school staan drie bestuurders, v. d. Kemp, Swencken en AVaag-e, gecommitteerd om den Prins naar boven te leiden, waar hij aan de bestuurstafel plaats neemt. Daar zitten de Beschermheeren Graaf Bentinck en de Schout van Leiden Mr. A. van Heusden, Mr. D. Muller Massis, Regeerend Schepen, en verscheidene aanzienlijke Heeren van de stad, naast den landmeter P. van Cam pen, den beeldhouwer-teekenonderwijzer Bartholomeus van den Broek, den metselaar Pieter Rijk, de timmerbazen : Staal, Driesen en Pieter Geerling-, de onderwijzers Ditschaar en Jacobus van Campen (die bestuurders en tevens leermeesters zonder honorarium zijn), de Studentenbestuurders ,T. van Coeverden Secretaris en J. C van der Kemp en de regenten der weeshuizen. De Prins is zeventien jaren oud, maar onderscheidt zich reeds door groote schranderheid, geestesontwikkeling en minzaamheid.

De voorzitter van Campen houdt eene deftige aanspraak in den gezwollen en hoogst ernstigen stijl dier

Sluiten