Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ik ïi)iju zuigeling verzorgde, zat te denken aan wat ik den volgenden Zondag zou zeggen, en, in de oogenblikken van rust, die ik op mijne dagelijksche werkzaamheden kon uitsparen, schreef ik mijne aanteekeningen met potlood op. Ik verscheen somtijds voor mijn gehoor met die weinige aanteekeningen, vertrouwende op den Heer, dat Hij mij bij zou staan met Zijn' Heiligen Geest. En ik geloof te kunnen zeggen, dat van den dag af, waarop Hij mij geroepen heeft, dat is te zeggen nu 19 jaren en 9 maanden geleden, Hij mij nooit den mond heeft doen openen, zonder mij door vele en zichtbare teekenen van Zijne tegenwoordigheid en van Zijn' zegen bewijs te geven. Gelooft gij niet, dat gedurende den tijd, dat het den duivel gelukt is, mij het stilzwijgen op te leggen, hij mij ook verhinderd heeft \ruchten te dragen? Nu echter ben ik er toe gebracht om met zekerheid te gelooven, dat ik in de zalige gewesten honderden zielen zal ontmoeten, waarvoor ik een werktuig der zaligheid ben geweest. De Heer heeft tegenover mij met groote teederheid gehandeld, en Hij heeft mij kostelijke aanmoedigingen gegeven, hoewel ik, in het begin, onoverkomelijke bezwaren meende te hebben. Ik wilde niet op den kansel treden voor dat de gemeente het uitdrukkelijk verlangde.

Ik zal nooit vergeten welke vreeselijke aandoening ik ondervond, toen ik, voor de eerste maal mijn naam op de muur zag aangekondigd! Ik dacht toen slechts aan eene zaak, dat ik van het oogenblik af, waarop ik mij aan den Heer gegeven had, Hem ook mijn naam had

Sluiten