Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

scheikundige werkingen bij het „bakken" kunnen wij hier in verband met aard en omvang van dezen gids niet zeggen. Wij volstaan daarom met de vermelding van enkele analyseuitkomsten van in de techniek bruikbaar gebleken kleisoorten:

I II III IV

Kiezelzuur (Si 02) 61.30 70.22 77.44 61.96

Aluminium oxyd (Al2 03) 18.87 13.67 9.82 17.56

IJzeroxyd (Fe2 03) 6.66 6.80 5.34 6.17 Calcium oxyd (CaO) 0.85 — — (Fe S2) 0.97

Magnesium oxyd (MgO) 1.20 1.30 1.36 2.64

Kalium natrium (K &. N) 3.30 3.37 3.87 7.18

Gebonden water (H2 O) 8.29 5.30 2.48 3.61

100.47 100.66 100.31 100.09

Door verhitting op hooge temperatuur kan nu tweeërlei gebeuren: de kaolien (d. i. zuiver aluminiumsilicaat) en kwartskorrels kunnen samenbakken tot een vaste massa, doordien de overige bestanddeelen smelten en een kit vormen, of — als de temperatuur hooger is — de kwarts* korrels smelten ook en vormen met de bijbestanddeelen dubbel* of meervoudige silicaten, die de kaolienkorrels samenkitten. Dit laatste noemt men sinteren of klinkeren, hetgeen plaats vindt bij omstreeks 1200 ° C. Bij nog veel hooger temperatuur kan ook de kaolien mee gaan smelten, waardoor de verkregen steenen een glasachtige structuur zouden krijgen, hetgeen meestal niet wenschelijk zijn zal.

Fabrikatie: Na deze enkele mededeelingen over het materiaal en het bakken, willen wij in enkele trekken de wijze van het vervaardigen van den baksteen beschrijven.

De te verwerken klei, die als wij zagen langs de groote rivieren in Gelderland en Overijssel in oudere afzettingen voorkomt of als slib in de rivier (Holl. IJssel) wordt in het najaar verzameld en naar de fabriek vervoerd. Daar stort men het materiaal op een voorraadveld, waarop het den winter over blijft liggen. Het uitdampen en het ver* weren, door afwisselend nat zijn en door de zon gedroogd en verhit worden en ook 's winters het uitvriezen, van de

Sluiten