Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

alle staten, te beginnen met die van Europa waarbij zich dan de meer ontwikkelde staten der overige werelddeelen zouden moeten aansluiten, één bond vormden en van tijd tot tijd hunne vertegenwoordigers zonden in eene gemeenschappelijke conferentie ter bespreking van onderwerpen van algemeen belang, dan zou langzamerhand de weg worden gebaand tot betere verhoudingen. — Voorzeker zit in deze gedachte een goede en aanlokkelijke kern. Maar zij heeft een groot gebrek, dat duidelijk aan het licht is gekomen na'de vredesconferenties. Wanneer iedere staat geheel vrij blijft in zijn doen en laten, vrij ook in het aannemen óf verwerpen van hetgeen is vastgesteld, vrij ook in het al of niet opvolgen van datgene waartoe hij heeft medegewerkt, dan blijven de afgunst, de naijver, de vrees en wat dies meer zij sterke prikkels om samenwerking te onthouden, om niet tot stand te doen komen wat voor het algemeen nuttig en noodig is, om bij gebleken zwakte te verbreken het woord dat men eens had gegeven. Voorbeelden hiervan behoeven wij niet aan te halen, ieder kent ze bij overvloed.

Neen, een statenbond kan nuttig werken en een grooten zégen verspreiden, maar daarvoor "is meer noodig dan eene vereeniging alleen in een bond, méér dan het samenkomen alleen op conferenties. Op conferenties, waar de groote mogendheden het groote woord voeren en de kleine aarzelen te spreken voor idealen; op conferenties, waar de hoofden vol zijn van den oorlog en men slechts dezen tracht te regelen, maar waar niet of slechts zeer terloops gesproken wordt over de regeling van eene normale verhouding tusschen de volkeren; op conferenties, welker besluiten door de machthebbers niet worden nagekomen, wanneer zij verhinderen of verbieden het aanwenden van de meest brutale machtsontplooiing en vorderen het opvolgen van beginselen van menschelijkheid en recht.

Sluiten