Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

humuslaag niet aanwezig is en de bovengrond in weerwil vau de beste bewerking min of meer vast blijft »sawah galak". In alluviale vlakten, zoo als Kediri, wordt loh elke grond in het niveau liggende, en tjëngkar alles wat daar boven of daar beneden is.

De Javaan gebruikt dan in plaats van loh het woord »lëdole", in tegenoverstelling van "toempang", d. i. hetgeen boven de lëdok ligt. Alleen hetgeen in het niveau is geeft een zekeren oogst, omdat daar hel water altijd kan gebracht en weer afgeleid worden. Daar boven, als het water ontbreekt, en daar beneden, als er te veel is, bestaat altijd gevaar van mislukking of ten minste van eene opbrengst, welke met die van een goed jaar honderden procenten verschillen kan. Bij eene bevloeiing loopt eerst alles onder, heigeen »lëdok" wordt geheeten, en later, soms met een verschil van 14 dagen, heigeen »toempang" is. Zoodra het waler niet meer toereikl voor de geheele oppervlakte loopen de toempang's het eerste droog en staan daar soms al met gescheurden bodem, »sawah gërap", terwijl de lëdok nog waler toegevoerd krijgen, of len minste teren kunnen op de vochtigheid, welke de diepe humuslaag besloten houdt. Overtuigend is dit te zien zoodra het water, door gebrek, om beurlen moet worden toegevoerd, want dan komt het voor, als de beurt aan de bewerkers van sawah loh komt, dal deze het niet noodig hebben, maar alles kunnen geven aan die de tjëngkar bebouwen.

De sawah loh zijn niet schei p van de tjëngkar gescheiden, maar ze loopen in elkander over; hetgeen in den overgang ligt, wordt »sëdëng" genoemd, waaruit weer volgt, dat de sëdëug meestal öf de eigenschappen der tjëngkar óf der loh deelt.

Is het hoogteverschil tusschen de onderscheidene soorten van sawah's onbeduidend, dan bestaat, mei uitzondering der gevallen vau nijpend watergebrek, het onderscheid alleen in de benaming. Zoodra de Ijëngkar evenwel belangrijk boven het waterpas ligt, treedl het verschil dadelijk op, want bij de afstrooniing van het water worden de ligtere humusdeelen meegevoerd en afgezet op de lagere vakken, wier zwarle

Sluiten