Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

»temféfeoe", als de plantjes uit den grond komen;

»loempang godong", als 14 dagen later vier blaadjes ontloken zijn;

»gëmilap", als weer 14 dagen later de frisch groeiende bladeren in de zon schitteren.

In dezen tijd wordt de aanplant goed omgespit en van onkruid gezuiverd. Vervolgens komt de bloeitijd, als de plant 75 dagen oud is; 14 dagen daarna de »mongso petitil", als de vrucht gezet is, en drie weken later de vmongso démegan", als de inhoud melkachtig is, om nogmaals na drie weken rijp te zijn, »mongso oendoeh". Het gewas wordt beschadigd door eene groene rups, die de blaren en knoppen afvreet, en zich van den tijd lemènggoh tot den bloei vertoont. De geheele plant wordt bij den oogst afgesneden, «potjok", in bossen gebonden en veertien dagen rechtop in rijen te drogen gehangen. De Inlander beweert, dat er gedurende dien tijd nooit regen valt, en hij zorgt de stellage goed sterk te maken, daar het omvallen daarvan groot ongeluk geven zou, zoo erg, zegt hij, als »eene bezoeking, die men krijgt door het «beleedigen van den qor&n". Hel dorschen geschiedt door de planten tegen een balk te slaan. Bij groote hoeveelheden wordt de widjèn geoogst tegen een derde van het gewas, mits men den grond mede heeft helpen omspitten; indien men tegen dat loon ten minste liefhebbers vinden kan. De opbrengst van widjèn, waarvan men voor proefsneden geen te kleine oppervlakten moet nemen, is zeer verschillend. Drie proefsneden van 25 Q R. R., waarvan het gewas op het oog niet veel verschilde, brachten 15, 58 en 80 katti's zaden op die weer voor f 0,60, f 2,10 en f 5,50 verkocht werden. De gewone productie wordt gerekend op 7 pikol's zaden, die zonder veel stijging of daling in prijs f 5 per pikol, het geheele jaar door, waard zijn.

LOMBOK.

Nog meer verschillend in opbrengst dan widjèn is de lombok. Deze wordt wel geplant op sawah's, maar inzonderheid op

Sluiten