Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nëptoe's de woorden »«•»", *wedi", »mds", *nogo", •poetih en begint den bouw van de woning op mas, van het voorhuis op poetih, van de keuken op nogo, van de rijstschuur op sri, en van de buffelkraal op wëdi. De bepaling der plaats van de stijlen en wanden der woning geschied door verschillende maten, welke uit de lengte van bet eigen lichaam genomen worden. De voor- en achterdeur moeten met den ingang van het erf eene gebroken lijn vormen, want «slechts • bij Chineezen en Europeanen kan men van de straat door »het huis heen op het achtererf zien", zegt de Javaan, en zoo ook bij de Regenten, wier woning door den waterstaat is gebouwd. Men mag nemen welke bouworde men verkiest, alleen de vorm »sinom pèngrawit", waarbij een doorloopend afdak om de vier zijden komt, is verboden, want in zulke huizen wonen slechts de grooten der aarde. Het is goed den hoofdingang der woning te plaatsen naar hel Zuiden, omdat ook »zoo Adam deed, toen zijn straftijd wegens het eten der -verboden vrucht voorbij was". Naar het Westen of hel Noorden het front te zetten is minder raadzaam, maar men kan de daarmede gepaard gaande invloeden van ziekte en ongeluk door bezweringen te niet doen. Nimmer mag de hoofdopening naar het Oosten komen. Dit strijdt met den godsdienst en met het bijgeloof. De geheele Oostzijde en ook de Noordoost- en Zuidoostzijde van het erf kunnen dienen voor de bijgebouwen. De rijstschuur en de keuken behooren evenwel dicht bij elkander te staan, en de put daarachter. Die plaatsing gaf Si Lajoer, een oud Javaansch Vorst, aan. Hij benoemde ook eenen put, ten Noordoosten gegraven, als de badplaats van nimfen, •padoessan tvidodari", en ten Zuidoosten de badplaats van Déwi Sri, »padoessan Sri"; ten Zuidwesten heette hij eene put *dandang noenggak wangké", en ten Noordwesten 'goeroepali", en gaf daarmede ziekteen ongeluk aan de gebruikers van het water.

De buflelkraal (kandang) zet men zoo mogelijk dicht hij den ingang van het erf, om het niet te veel door de beesten te laten betredeu. Anders, wie geen kandang heeft, neemt het vee in huis, of stalt het in de pëndopo, de logeerplaats

Sluiten