Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

INHOUD.

Bladz.

Stamwoorden; aanw. pers. en bez. voornaamw. N°. 1 14 . 1 Voorgevoegd a; ingevoegd oem; werkw. met neusklanken.

N°. 15—38 7

Subjectieve en objectieve wijze van spreken ; aanhechtsels i en

aké. N°. 39—61 22

Reduplicatie. N°. 62—65 ®6

Ka- en ke-; Ka....an, en ke an; di. N°. 66—80 . . 38

Ingevoegd in; voorgevoegd ing („oud-passief"). N°. 81—84 . 46

Gebiedende wijs. N°. 85—94 48

Aanvoegende wijs enz. N°. 95—107 5^

Di-, dipoen-, den-; sing . ..; embok. N». 108—110 .... 64

Propositieven. N°. 111 en 112 6 a

Olèh, enggon. N°. 113—121 67

Ke .... en. N°. 122 en 123 71

Achtervoegsel an. N°. 124—129 .... 72

Allerlei. N°. 130—146 75

Sluiten