Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Volgnommer.

35.

36.

37.

38.

39.

NOMMER AANHALING

DATUM van den

der uit te voeren Catalogus VAtI DE

werkzaamheden. BETREKKELIJKE VOORSCHRIFTEN.

rTTNT Art. 126 der wet.

T j i \ „ 99, Staatsblad No. 230 van 1901 en No. 234 vau 1904. |

(In den loop.) " '

193 A Art. 130 der wet.

«5 A 2SOO (1)

3206 (1)

3201 (x)

JUNI.

(In den loop.)

JUNI. 3197 § 10, 1°., een g, Militie-Beschikking 1909.

(Op den 25sten.)

JUNI. 3194 Art. 109 der wet.

(Ten minste 3304 ™' Staatsblad N°' 230 van 1901 6n N°'10

10 dagen vóélden dag, voor de 66, 2084,

opkomst bepaald.) 380,338,339,

68, 340, ol2,

1874

3195

JUNI. 3198 Art. 99 der wet.

c\Ta Hon iMonl Art. óbquater en öSquinquies, Staatsblad No. 230 van

(iNa aen loaen.) igQ1 en No 10 van 1909

§ 10, 1°., e enj, Militie-Beschikking 1909.

(1) De bestelnommers 2200 , 2206 en 2201 gelden ook voor eene oproeping krachtens art. 124 der wet.

OMSCHRIJVING DER WERKZAAMHEDEN.

Onderzoek van de verlofgangers der militie te land, aan wie niet is vergund dat onderzoek in November of December te ondergaan.

Burgemeester en Wethouders ontvangen van den Militiecommissaris opgave van de verlofgangers, die voor het nader onderzoek (na-inspectie) moeten worden opgeroepen, met vermelding van dag, uur en plaats van het onderzoek, en roepen deze verlofgangers daartoe bij openbare kennisgeving (1) op.

Bijzondere kennisgeving zeer aan te bevelen.

Ten aanzien van de verlofgangers, die krachtens art. 131 der wet in werkelijken dienst moeten worden geroepen, verstrekt de Minister van Oorlog de vereischte lastgeving, welke door tusschenkomst van den korpscommandant en den Commissaris der Koningin ter kennis van den Burgemeester wordt gebracht.

Als onder 21.

De Burgemeester zendt eene kennisgeving aan de houders van de aan de j beurt van oproeping liggende hoogere nummers, die, ten gevolge van

vóór 15 Juni bij het tusschen 16 en 31 Mei afgeleverde gedeelte opengevallen plaatsen in aanmerking komen om ter aanvulling van het contingent ter aflevering te worden opgeroepen, onder mededeeling, dat die aflevering, naar gelang zij ter volledige dan wel tot korte oefening zullen worden bestemd, zal geschieden in het tijdvak van 16 tot 30 September van het loopend dan wel in het tijdvak van 16 tot 31 Mei van het volgend jaar, en dat zij het bewijs van te hebben voldaan aan de eischen van militaire bekwaamheid en ïichamelijke geoefendheid vóór 15 Augustus van het loopend jaar zullen moeten inleveren bij den Commissaris der Koningin, althans indien die inlevering niet reeds in Januari t.v. mocht zyn geschied.

De Burgemeester roept bij openbare kennisgeving (1) de verlofgangers op, die voor den dienst van het blijvend gedeelte van de najaarsploeg der Infanterie onder de wapenen moeten komen.

De Burgemeester zendt, bij aangeteekenden brief, een brief van oproeping aan hen die voor evenbedoelden dienst onder de wapenen moeten komen en zich met toestemming van of vanwege den Minister van Oorlog buitenslands ophouden.

Het is wenschelijk bijzondere kennisgevingen te doen toekomen aan de overige opgeroepen verlofgangers.

De Burgemeester zendt terstond wanneer vóór 15 Juni aan het in het tijdvak van 16 tot 31 Mei van het loopend jaar afgeleverde gedeelte der lichting een loteling komt te ontbreken, eene kennisgeving aan den houder van het aan de beurt van oproeping liggend hooger nummer, waarbij deze wordt onderricht, dat hij ter aanvulling van het contingent ter aflevering zal worden opgeroepen, onder mededeeling dat die aflevering, naar gelang hu ter volledige dan wel tot korte oefening zal worden bestemd, zal

(1) Zie de noot op bladz. 5.

Sluiten