Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

E. Vergoeding van scliade.

1. Evenals de vergunninghouder is ook de concessionaris verplicht tot volledige vergoeding van alle schade door zijn mijiiboiiwheilrijf' (in den ruimsten zin genomen en dus inclusief hulpwerken en eventueele opsporingswerken) aan den bovengrond en wat daartoe behoort of aan naburige ontginningen, dan wel aan opsporingswerken van anderen toegebracht [IM. 24, 26 en 25 (2)].

Het in § XIII El—4 gezegde is dus mutatis mutandis ook op concessionarissen van toepassing. Zie ook MO. 256 (3) en Toel. MO. 295 — 301. ff,

2. Indien door ontginningswerken schade wordt toegebracht aan den bovengrond en wat daartoe behoort, kan in bijzondere gevallen worden verlangd dat geen schadevergoeding wordt betaald, doch dat de vroegere toestand wordt hersteld [283, zie ook Toel. MO.].

3. De schulden voortspruitende uit de verplichting tot schadevergoeding krachtens IM. 24 en 25 (2) en uit het in gebruik nemen van gronden krachtens IM. 21 en 22 (2) zijn boven pand en hypotheek bevoorrecht op de concessie, het product der ontginning en den inventaris [IM. 27].

F. Opvolging van de voorschriften der münpolitie.

4. a Bij ontginningswerken moeten de in MO. Titel X gegeven

veiligheidsvoorschriften worden nageleefd [IM. 43). Het personeel der mijninspectie heeft ten allen tijde vrijen toegang tot alle werken [360]; hun moeten de noodige inlichtingen worden verstrekt [365] terwijl voor logeergelegenheid moet worden gezorgd [366]. Aan onbevoegden is de toegang tot de werken verboden [373].

b. Beschikkingen en ambtelijke mededeelingen der mijninspecteurs worden in een inijnboek ingeschreven en door den technischen Chef ter kennis van den concessionaris gebracht [361 ], over hooger beroep van de beslissingen der mijninspecteurs handelt [363, 364],

c. Bij aanvang en staking der werkzaamheden moet daarvan vooraf aan den Chef der Mijninspectie worden kennisgegeven [380],

Sluiten