Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tegen zijn zuster op; „of ik loop er nü nog uit!"

„Je kunt doen en laten, wat je wilt en ik zal er van zeggen en van denken, wat ik wil."

„Ga naar de keuken," beval de moeder streng en het meisje wjerp nijdig het naaiwerk, dat zij onderhanden had, neder, liep boos met de schouders schokkend, onder een: „Als het er op aan komt, trekt u dat mispunt nog altijd voor," naar de deur en sloeg deze hard achter zich dicht.

„Mispunt?" brulde Versteeg van zijn stoel opspringend.

„Blijf!" gebood de moeder. „Arnold, Arnold," vervolgde zij na een oogenblik zwijgens op weekeren toon, „ik wenschte zoo graag, dat je elkander wat beter verstondt."

„Wat heeft ze me zoo te tergen!"

„Ach, ze meent het zoo kwaad niet... Ze houdt toch zooveel van je ... Maar ze gaat altijd met mij op en neer, en deelt zoo geheel in mijn zorgen ... En dan ergert ze er zich over, dat jij zoo weinig medezorgt. .. Je komt altijd maar laat thuis ook en dat kan toch zoo min voor je gezondheid als voor je beurs goed zijn . .. We hebben haast geen cent in huis... Ik weet werkelijk niet, hoe ik de maand rond moet komen ... Ik moet zelfs al bij bakker en melkboer borgen ... En vijf gulden, dat is alles, wat ik voor deze maand van je gekregen heb."

„Ja, ik moest mijn nieuwe pak betalen, dat weet u," bracht Versteeg tegen dezen stortvloed van klachten in, niet bijster op zijn gemak en onwillekeurig denkende aan het bankje, dat hij in zijn portefeuille had.

Sluiten