Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TOEN DE TZAREWITCH TE BATAVIA KWAM.

koloniaal bezit, ofschoon de invloed van den Opperkoopman van de „Loods" te Batavia de macht van den Gouverneur-Generaal nabij kwam, en van den grooten Koen gezegd werd door Heeren Staten: „dat hij in

saeke van koopmanschap wel was bedreven" een

ambtenaar in costuum, een officier in uniform, een rechter in ambtsgewaad, is méér op de receptie van welke autoriteit ook, dan de meneer in zwarte rok en witte das. Geeft zulk ensemble ook een kellner's- en diner-bedienden cachet!?

Arabische, Chineesche, Armenische- maar natuurlijk vooral Javaansche Hooge ambtenaren en geestelijken, in hun stijf maar zeer kostbaar en veelkleurig groot ornaat, bewegen zich in de Europeesche wereld en staan met de dames en heeren te praten in obtima forma. De majoor-Chineesch in mandarijn-costuum, zou niet gaarne mankeeren de Njonja Toewan Ideler 1) (echtgenoote van een Raadslid van Neerlandsch-Indië) aan te spreken, en de Regenten en Radenaijoes (Javaansche Hoofden eener provincie met hunne wettige vrouwen) de laatsten invariabel in kostbare sarong, donker blauw fluweel baadjoe met eenig goud borduursel maar met een schat groote diamenten knoopjes (voornamelijk in rijtjes aan de dun uitloopende gespleten einden der mouwen) zijn hoffelijk tegen allen die hen aanspreken; verder vertoonen hun gezichten de levendige expressie van steenen beelden. Wat prachtige haarnaalden met fonkelende diamanten in de Condeh s (haarwrongen) der Radenaijoes! en dan die aar-

1) Ideler: radbraking van Edele. Toewan Ideler r= Edele Heer.

Sluiten