Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hij verrast en wendt de oogen niet af van het slapende meisje. Als hij tot bezinning komt, buigt hij ijlings een knie op den grond, slaat op den ander zijn boek open, waarna hij met eenige potloodkrabbels het beeld op het papier werpt, dat hem zoo bijzonder trof. Hij is bijna klaar, maar nu opent het meisje de oogen en staart den vreemdeling verwonderd aan.

Wat doet ge daar? en ze kijkt nieuwsgierig naar het boek.

Hij ziet verschrikt op en geeft eerst geen antwoord, maar als hij merkt, dat ze opstaan wil, voegt hij haar toe: Kindlief, sta niet op, blijf nog even zoo liggen. Hij nadert snel en legt de plooien van haar kleedje weer recht.

Cornelia ziet hem met groote oogen aan.

Zeg dan, wat je daar doet.

Nog even, nog een oogenblik smeekt hij.

Het meisje glimlacht nu om het angstige gezicht van den vreemdeling en verroert zich niet. Nog eenige krabbels, hij is klaar.

Zie zoo, nu moogt ge opstaan en kijk nu eens, wat ik hier heb. Dat ben jij. Hoe heet je?

Cornelia!

Zoo, heet je Cornelia. Welnu mijn kind, dat mooie meisje hier in mijn boek, ben jij. Ik zal er een schilderij van maken en er Cornelia onder zetten.

Ze ziet hem met een onbegrijpelijken blik aan.

Weet je niet, wat een schilderij is, klein heidemeisje?

Neen, zegt ze kortaf.

Kijk dan, zegt hij glimlachend, daar heb ik je nu

Sluiten