Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Late Herfst.

DOOR

W. F. GOUWE.

Nu steeg een koele geur van rotte blaren,

Die lagen tot zwaar-mollig vloertapijt,

Dat schreden smoort, op 't voetpad dik gespreid, En op dit donker-vochte blaarbed waren

Geraamten neergeknakt van dorre varen,

En doode fiuitkruid-stengels, wild verspreid,

Als bleek gebeente van in feilen strijd Verslagen kleene strijders. — Na 't bedaren

Van najaarsstorm, die 't laatst gebladert stal,

Rustten de boomen; etsend net van twijgen Op d'avondlucht van violet en goud;

En uit de verte dreunde in doffen val Houthakker's-klop-klop.... vreemd in 't groote

al-zwijgen .... De trage hartslag van het stervend woud ....

Sluiten