Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zijn schouders van zilver waren, vroeg ik hem, of hij bij de schutterij was." Max proestte het uit. „Toen zei hij, geloof ik, „dat hij kwartiermeester was; kan dat?" Hij knikte toestemmend. „Toen heb ik de domheid gehad, om te vragen, of dat een aardige betrekking was. Maar daarop is hij eerst los gekomen! Ik weet al niet, wat hij mij verteld heeft: van staten, van broodbonnen, van reparaties, van .... van .... — hoe heeten die dingen nou ook weer — o ja, van monsterrollen: allemaal zaken, waarvan ik niets begreep en die mij nog minder konden schelen."

„Dat komt, omdat hij het mooiste van zijn baantje nog vergeten heeft."

„Wat is dat dan ?"

„Dat hij mij elke maand mijn tractement geeft."

„O ja? doet hij dat ook?"

„Maar dat is in mijn oogen toch ook wel zijn eenige deugd; want in gezelschap is hij althans vrij wel ongenietbaar."

„Dat heb ik helaas ondervonden."

„Bovendien begrijp ik er het genot niet van, om altijd over dienst te praten, en vooral met dames. En daarom verzoek ik u dan ook met gepaste vrijmoedigheid, om mij maar eens flink te knijpen, als ik mij ooit in uw gezelschap aan dezelfde fout mocht schuldig maken."

„Neen, dat doe ik niet," coquetteerde zij, „want ik zie er u net voor aan, om dan wel eens met opzet er over te kunnen beginnen."

„Nu, als u mij belooft, het niet al te hard te doen, dan kon u daar wel eens gelijk in hebben."

Sluiten