Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

sen zij zich, die deze klacht toeschrijven aan vrouwelijk ongeduld, dat zij niet zoozeer door smart of kwelling werd beroerd, als wel door afschuw van het wonderteeken.

Immers ongetwijfeld heeft zij gevoeld, dat deze strijd niet langs natuurlijken weg werd opgewekt, maar bovennatuurlijk was, en het een of ander vreeselijk en droevig einde voorspelde. Doch tevens moest de vrees in haar opkomen voor Gods toorn, gelijk de geloovigen niet blijven staan bij het gevoel van oogenblikkelijk kwaad, maar afdalen tot de 'oorzaak, en zoo door het verstaan van Gods oordeel verschrikken. Maar schoon ze in den beginne meer dan behoorlijk wordt verontrust, en uitbrekende in gemor, de rechte maat en gematigdheid niet bewaard, wendt ze toch een weinig later een middel aan en zoekt ze troost voor hare smart. En zoo schrijft zij door haar voorbeeld ons voor toe te zien, dat wij in droevige omstandigheden niet al te zeer toegeven aan onze droefheid, of, door onbestemde kwellingen van binnen te voeden, onze harten laten verteren. Wel is het moeilijk de eerste bewegingen te onderdrukken, doch voordat zij zich meer teugelloos openbaren, behooren wij ze te beteugelen en tot de orde te roepen. Bovenal moet de gematigdheid van den Heere worden afgebeden, gelijk Mozes hier verhaalt, dat Rebecca ging om den Heere te raadplegen, daar zij oordeelde, dat niets geschikter zou zijn om haar gemoed te stillen, dan zich in kennis te stellen met Gods Raad en zich tot gehoorzaamheid te schikken. Want al werd een droevig of minder gewenscht antwoord gegeven, toch hoopte zij tevens op het een of ander middel tot verlichting, van Gods gunst te ontvangen, waarin zij kon rusten. Doch hier ontstaat eene moeilijkheid, n.1. hoe Rebecca God raadpleegde. De algemeene opinie, rustende op gezag van velen, is, dat zij aan den eenen of anderen profeet gevraagd heeft, wat toch dit wonder beduidde. Ook schijnt Mozes een wenk te geven, dat zij ergens is heengegaan, om de Godspraak te hooren. Doch omdat deze gissing niet de minste schijn van waarheid heeft, neig ik meer naar eenen anderen kant over: dat ze de eenzaamheid heeft gezocht en sterker gebeden heeft, om eene openbaring van den hemel te ontvangen. Want welke profeten zou zij te dier tijde, behalve haren man en haar schoonvader, op de wereld, althans in den omtrek hebben gevonden? Voorts denk ik, dat toen misschien God Zijn wil heeft bekend gemaakt door Godspraken. Ten derde paste het

Sluiten