Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De stad is de zetel van een bisschop en bezit een hoofdkerk (San Clemente), een lyceum, een gymnasium, een technische school, een kweekschool voor onderwijzers, een bibliotheek en onderscheiden fraaie paleizen. Het aantal inwoners bedraagt (1901) 14 625, van de gemeente 19 574. In de omgeving wordt wijnbouw uitgeoefend. Deze stad is het oude Velitrae, een stad van de Volcsen, daarna van de Latijnen. Zij kwam in de Middeleeuwen onder de heerschappij der Tusculaansche graven en vervolgens onder die van den paus. Den 19den Maart 1849 behaalden de Republikeinen uit Rome hier een overwinning op de Napolitanen.

Velocipède. Zie Rijwiel.

Velodroom wordt gebruikt zoowel ter aanduiding van een renbaan voor wielrijders als van een rijwielschool.

Velours, een Fransch woord, beteekent fluweel. Ook verstaat men er een dicht geweven, tamelijk kort geschoren laken stof onder, waarvan het haar zooveel mogelijk rechtop gehouden wordt, zoodat zij een zekere overeenkomst met fluweel vertoont. Zij komt voor in verschillende soorten, zooals velours d' Utrecht of meubelpluche, velours impérial, een katoenen en halfwollen stof, welke voor damesjaponnen en blouses gebruikt wordt, en velours russe, een kamgaren stof, voor dezelfde doeleinden.

Veloutine is de naam van een licht soort fluweel. Verder verstaat men er een aan beide zijden gekaarde, dikwijls ook bedrukte, katoenen stof onder, welke voor onder- en winterkleeding gebruikt wordt.

Velp, een groot en schoon dorp in de Geldersche gemeente Rheden, ligt aan den spoorweg van Arnhem naar Zutfen en aau de tramlijn van Arnhem naar Dieren. In de laatste helft van de 19de eeuw heeft de plaats zich door den aanbouw van een groot aantal villa's en buitenverblijven snel ontwikkeld. De omgeving is er, zooals overal op den Veluwzoom, heuvelachtig en boschrijk en doorsneden van beekjes, die het landschap verlevendigen. Het vreemdelingenverkeer is er zeer groot. Velp is met Arnhem verbonden door den fraaien Velpschen of Velper weg, langs welken men een aaneenschakeling van villa's en buitenverblijven met prachtige tuinen en parken aantreft. Vanaf den Paaschberg, den Kapellenberg en andere heuvels heeft men een fraai uitzicht over Bronbeek, den Velperweg, de hoogte aan den IJsel en de heuvels van Klarenbeek. De voornaamste straat van Velp is de Hoofdstraat, een voortzetting van den Velper weg, die dezen met den Zutfenschen straatweg verbindt. Hierop komen een aantal straten en lanen, o. a. de Rozendaalsche laan, uit. De Zutfensche straatweg krijgt voorbij het landgoed Overbeek den naam van Middachterallee, een prachtige beukenlaan, die bijna onafgebroken tot Dieren doorloopt. Velp bezit een Hervormde, een Gereformeerde en een Roomsch-Katholieke kerk, een posten telegraafkantoor, een ziekenhuis, een station van den staatsspoorweg, een verbeterhuis voor Roomsch-Katholieke meisjes enz. Men vindt er bloemkweekerijen en enkele inrichtingen van nijverheid.

Velpel, Felpel, Felp of Fulp is de naam van een soort fluweel. Zie Felp en Weven.

Velsen, Comelis van, een Nederlandsch god¬

geleerde, geboren te Ouddorp den 29sten Mei 1696, studeerde te Leiden, was achtereenvolgens predikant te Ede en te Groningen en aanvaardde in laatstgenoemde stad in 1728 een buitengewoon professoraat met een oratie: „De religionis Christianae rationalitate", werd in 1731 gewoon hoogleeraar, bekleedde van 1735—1736 het rectoraat, alsmede van 1750—1751, en overleed den 19aen April 1752. Hij schreef o. a. „Theologiae practicae medulla" (1750), „Institutiones theologiae practicae" (1784), „Kerkelijke redevoeringen" (2 dln., 1768), „Lessen der waarheid" (1726), „Heilige godgeleerdheid" (1730) en onderscheiden leerredenen.

Veltheimia is een reeds lang bekende, Liliaceae, maar niet te min toch een weinig verbreid bolgewas, van Kaap de Goede Hoop afkomstig. Ook dit bolgewas heeft een rusttijd noodig, die echter valt van Juli tot September. Na dien rusttijd verlangen de planten voedsel en vocht, waarna ze in 't voorjaar bloeit. De beide soorten V. glauca en V. viridifolia zijn het meest bekend.

Velthem, Lodewijk van, een Middeleeuwsch Brabantsch schrijver, was waarschijnlijk een jongere zoon uit een adellijk geslacht. Hij vertoefde in 1293 te Parijs, was in 1304 kapelaan te Sicliem in Brabant en werd in 1313 pastoor te Velthem. In 1315 droeg Maria van Berlaer, een edelvrouw uit Antwerpen, hem de voortzetting van Maerlants „Spieghel Historiael" op (zie Maerlant), waarvan hij de 4ae partie (tot aan het jaar 1256) voltooide. Hij kwam er den 3den Augustus 1315 mee gereed. In 1316 kreeg hij de pest en bleef na zijn herstel eenigen tijd blind. Vervolgens voegde hij aan den „Spieghel Historiael" een 5de partie (tot 1316) toe. Waarschijnlijk benoemde Gerard van Voorne hem na de voltooiing van zijn werk tot zijn huiskapelaan. Achter den „Spieghel Historiael" vindt men 8 Marialiederen, vervaardigd na het genezen van zijn blindheid. Verder bezitten wij van hem: „Het boek van koning Artur", een vertaling van: „Le livre d'Artus", dat hij in 1326 voltooide, en de zoogenaamde Lancelotcompilatie, een werk, dat uit een aantal andere verhalen is samengesteld (zie Lancelot).

Veltlin of Val Tellina, het dal van de BovenAdda tot aan haar uitmonding in het Como Meer, wordt begrensd door de Bernina-, de Ortler- en de Bergamasker Alpen en vormt het grootste deel van de Italiaansche provincie Sondrio. Het aantal inwoners bedraagt ongeveer 110 000. Zij houden zich bezig met den verbouw van wijn, maïs, rogge, aardappelen, hooi, kastanjes, enz. en met veeteelt. De spoorweg van Colico naar 'lirano loopt door het dal.

De 3 landschappen Chiavenna, Val Tellina en Bormio vormden in de Middeleeuwen een deel van Lombardije, later van het hertogdom Milaan. In 1512 werden zij door Grauwbunderland veroverd. In den Dertigjarigen Oorlog ontstond er door de harde behandeling van de regeering van Grauwbunderland en door de maatregelen ten opzichte van den godsdienst, die zij in 1620 nam, een opstand van de Katholieke inwoners van Veltlin, die een aantal Protestanten vermoordden, en een eigen bestuur kozen. Daaruit ontstond een langdurige, bloedige oorlog en eerst in 1635 werd Veltiin door een Fransch-Zwitsersch leger onderworpen.

Sluiten