Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vader hoogleeraar in de wijsbegeerte te Heidelberg en overleed aldaar den 20>,en October 1822. Zijn „Mitteilungen über Goethe und Schiller" (1834) werden uitgegeven door zijn broeder Abraham, geboren in 1785, eerst hoogleeraar aan het gymnasium te Rudolstadt, later aan dat te Kreuznach en den 13aen November 1847 te Düseldorf overleden.

Vosz, Richardt, een Duitsch dichter en schrijver, geboren in Pommeren den 2den Februari 1851, volbracht reeds vroeg uitgestrekte reizen, vooral in Italië, voegde zich in 1870 als lid der Orde van St. Jan bij het Duitsche leger, totdat hij wegens ontvangen wonden ongeschikt was voor den dienst, wijdde zich vervolgens te Jena en te München aan de studie der philosofie en bepaalde zich daarna op zijn villa bij Berchtesgaden tot letterkundigen arbeid. Hij werd bekend door zijn treurspelen „Die Patrizierin" (1881) en „Luigia Felice" (1882). Van zijn vroegere dramatische stukken vermelden wij het tooneLspel: „Unfehlbar" (1874) en de treurspelen: „Savonarola" (1878) en „Magda" (1879). Tot zijn latere tooneelwerken behooren: „Pater Modestus" (1883), „Regula Brandt" (1883), „Unehrliches Volk" (1884), „Der Mohr des Zaren" (1883), „Brigitta" (1887), „Wehe den Besiegten" (1888), „Eva" (1889), „Die neue Zeit"(1891), „Der Vater Erbe" (1892), „Daniël Danieli" (1894), „Zwischen zwei Herzen" (1895) en „Der König" (1896). Verder schreef hij: „NaChtgedanken" (1871), „Visionen eines deutschen Patrioten" (1874), „Helena. Aus den Papieren eines verstorbenen Pessimisten"(1874), „Scherben, gesammelt von einem müden Mann" (1875, nieuwe reeks, 1878), ,,Frauengestalten"(1879) „Bergasyl" (1882), „Rolla" (2 dln., 1883), ,,Römische Dorfgeschichten" (1884), „Die neuen Romer" (1885), „Die neue Circe" (1885), „Michael Cibula" (1887), „Die Auferstandenen" (2 dln., 1887), „Dahiel, der Konvertit" (3 dln., 1888), „Novellen" (1889), „Aus meinem römischen Skizzenbuch" (1896), „Unter den Borcia" (1879), „Der neue Gott" (1898), „Südliches Blut" (1900), ,,Psyche"(1901), „Römisches Fieber" (1902), „Die Leute von Valdaré" (l8te—3de druk, 1903), „Ein Königsdrama" (2 dln., 1903), „Die Reise nach Mentone" (2 dln., 1904) en vele andere romans en vertellingen. In „Allerlei Erlebtes" (1902) geeft hij een aantal bijzonderheden uit zijn leven.

Votiefmis of Missa voliva. Zie Mis.

Votiefmunten (Numi votivï) zijn Romeinsche keizersmunten met opschriften, die betrekking hebben op de openbare gebeden, die sedert Augustus om de 10 jaar, sedert Diocletianus om de 5 jaar, voor de gezondheid van den keizer werden gehouden,

Votiefsteenen. Zie Votieftafels.

Votieftafels of Votiefsteenen (:Tabula votiva) waren bij de Romeinen tafels of steenen, die tengevolge van een belofte (ex voto) aan een godheid gewijd werden. Vooral zeelieden, die in gevaar verkeerden, deden dikwijls aan Neptunus zulk een gelofte, die zij na de redding op zulk oen tafel schreven en in den tempel van dien god ophingen. Dikwijls werden zij met reliëfs versierd. In de Christelijke kerk van de Middeleeuwen bleef dit gebruik in zwang en ook thans nog worden in de Roomschen Grieksch-Katholieke kerken dikwijls votiefkaarsen-, -harten en -ledematen aan Maria en de heiligen gewijd.?

Votum is eigenlijk hetzelfde als een gelofte (zie aldaar). Inzonderheid is het ook de naam van de afzonderlijke stemmen bij de door meerderheid van stemmen uitgemaakte beslissingen. Een stem kan zijn meebeslissend (votum decisivum), goed- of afkeurend (votum consultativum), of zij kan bij gelijkheid van stemmen (vota paria) den doorslag geven (votum decisimm in specie), welk recht dikwijls aan de stem van den voorzitter verleend wordt. Een votum van vertrouwen of wantrouwen heet het door een volksvertegenwoordiging of een ander lichaam uitgesproken oordeel, dat te kennen geeft, of men al of niet vertrouwen koestert ten opzichte van de daden van een persoon of een lichaam, bijv. een minister of een bestuur.

Vouet, Simon, een Fransch schilder, geboren te Parijs den 9den Januari 1590, was een leerling van zijn vader en legde zich vooral toe op de portretkunst. Reeds op 14-jarigen leeftijd werd hij naar Londen ontboden, waar zijn portretten grooten bijval vonden. In 1611 bezocht hij Konstantinopel, vervolgens Venetië en in 1613 Rome, waar hij zich vormde naar het voorbeeld van Caravaggio. In 1624 zag hij zich benoemd tot directeur der academie van San Luca en vertrok in 1627 op uitnoodiging van Lodewijk XIII naar Parijs, waar hij den 13den Juni 1649 overleed. Zijn kunstwerken bevinden zich meerendeels in Frankrijk, verder te Rome, Petersburg, Dresden, Berlijn enz.

Vrachtboot. Zie Scheepvaart.

Vrachtbrief is de naam van een geschrift, waarin de overeenkomst tusschen den afzender en den vervoerder van goederen (te land of op rivieren en binnenwateren) wordt uitgedrukt. Een dergelijk gesehrift voor het vervoer over zee heet chertepartij (zie aldaar). Volgens de wet behelst de vrachtbrief de omschrijving der goederen, den naam van den geadresseerde en van den voerman of schipper en het beding omtrent de vracht. Buitendien kan hij bepalingen bevatten omtrent den tijd, binnen welken het vervoer moet zijn volbracht, de schadeloosstelling in geval van vertraging enz. Het stuk wordt gedateerd en onderteekend door den afzender, niet door don vervoerder. Het bezit van den vrachtbrief geeft op zich zelf geen recht van den -vervoerder de uitlevering der goederen te vorderen, zooals bij het cognossement (zie aldaar) wel het geval is. De vrachtbrief dient om den vervoerder de plaats van bestemming en den naam van den geadresseerde aan te wijzen en strekt hem tot bewijs van de jegens hem aangegane verbintenis tot betaling van vracht en onkosten.

Vranja (Wranja), een distriktshoofdstad in Z.lijk Servië, in het Moravadal aan den spoorweg Nisj—Ristovac gelegen, heeft een bloeiende wolnijverheid, touwslagerijen, ijzersmelterijen en wapenfabrieken en drijft een levendigen handeL De plaats, welke (1905) 11 412 inwoners telt, wordt reeds in de 12de eeuw vermeld en moet vroeger Goloebatz geheeten hebben. In de nabijheid bevinden zich heete bronnen (tot 86° C.).

Vranx, Sêbastiaen, een Vlaamsch schilder van figuurstukken met architectonischen achtergrond en van genrestukjes, werd geboren te Antwerpen inl673 en overleed aldaar in 1647. Hij was een leerling van Adam van Noort. Omstreeks 1597 ging hij voor eenigen tijd naar Italië, in 1600 trad hij in het St. Lucasgilde te Antwerpen, waarvan hij in 1611 deken

Sluiten