Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

liniën van Torras Vedras. In September 1811 trok hij wederom over de Taag, veroverde den 12den Februari 1812 Ciudad Rodrigo en den 7den April Badajos, behaalde den 22sten Juli de overwinning bij Salamanca en bezette den 12deu Augustus Madrid. Nu rukte hij op naar Burgos, maar vond hier zulk een hardnekkigen tegenstand, dat hij het beleg moest opbreken en naar Salamanca terugtrok. Niettemin werd hij benoemd tot markies van Wellesley in de drie Britsche rijken en ontving hij een dotatie van 100 000 pond sterling, terwijl hij in Februari van het zelfde jaar reeds een gelijke som, den titel graaf van Wellesley en den Spaanschen titel hertog van Ciudad Rodrigo had ontvangen. Tegen het einde van den veldtocht bevond Wellington zich weder op Portugeesch grondgebied. In 1813 aanvaardde hij ook het opperbevel over de Spaansche troepen, verwierf den 218tel1 Juni een schitterende overwinning bij Vittoria en zag zich benoemd tot Engelsch veldmaarschalk en tot Portugeesch hertog van Vittoria. Hierop veroverde hij den 8sten September San Sebastian en den 318ten October Pamplona, tastte daarop Soult aan, die zich aan de Nivaelle had verschanst, veroverde den 16den November deze versterkingen en noodzaakte Soult, naar Bayonne terug te trekken. In Februari 1814 dwong hij Soult, door hem in de flank te bedreigen, naar de positie bij Orthez te trekken en wierp hem terug tot onder de muren van Toulouse, dat na een laatsten slag den 10den April in zijn handen vieL De afstand van Napoleon I maakte een einde aan de verdere vijandelijkheden. De Engelsche prinsregent verleende Wellington den llden Mei 1814 de waardigheid van hertog van Wellington en van markies van Douro en het Parlement schonk hem wederom 400 000 pond sterling tot aankoop van landerijen. Wellington vertrok daarop als buitengewoon gezant naar Parijs en begaf zich den l,ten Februari 1815 als Britsch gevolmachtigde naar het Congres te Weenen, om Castlereagh te vervangen. Hier ontving hij de tijding van Napoleons landing, onderteekende de vogelvrijverklaring van dezen en het alliantietractaat en kwam reeds den 8sten April te Brussel, waar hij zich met het opperbevel belastte over de Britsche, Hannoversclie, Nederlandsche en Brunswijksche troepen, maakte met Blücher door de overwinning bij Waterloo (zie aldaar), waarvoor de koning der Nederlanden hem met den titel van prins van Waterloo beloonde, voor de tweede maal een einde aan het Fransche keizerrijk, rukte daarop met Blücher voorwaarts naar Parijs, waar hij den Bden Juli zijn intocht deed, en verkreeg na het Verdrag van den 20sten November 1815 het opperbevel over het bezettingsleger der Verbonden Mogendheden in Frankrijk. Ook in deze meer diplomatieke betrekking bewaarde hij steeds zijn koele vastberadenheid en onthield zich van alle inmenging in de staatkunde. Op het Congres te Aken in 1818 deed hij zelfs het voorstel om het bezettingsleger uit Frankrijk te verwijderen; ook bevorderde hij een voor Frankrijk gunstige beschikking omtrent de oorlogsschatting. In 1822 reisde hij als Britsch gevolmachtigde naar het Congres te Verona. Als lid van het Huis der Pairs naderde hij meer en meer tot de beginselen van het steilste Toryïsme. In 1827 werd hij benoemd tot opperbevelhebber van het Britsche leger te lande. Na het aftreden van Goderich belastte hij zich in Januari 1828 met de vorming

van een nieuw ministerie en aanvaardde zelf de betrekking van eerste-lord der schatkist. Hij benoemde enkel Tories tot zijn ambtenaren, doch gaf in 1829 in de kwestie van de emancipatie der Katholieken toe aan de openbare meening en kreeg ook de toestemming van den koning voor deze hervorming. De invloed der Juli omwenteling op het Britsche volk en de troonsbeklimming van Willem IV veroorzaakten in November 1830 den val van zijn bewind. Tevergeefs verzette hij zich nu tegen alle hervormende maatregelen van het Whigministerie.Hoewel hij geen schitterend talent als redenaar bezat, oefende zijn persoonlijk aanzien en het beslissende van zijn toon in het Hoogerhuis een grooten invloed uit. Nahet ontslag der Whigs in November 1834 kwam hij met Peel wederom aan het bewind als minister van Buitenlandsche Zaken, maar moest reeds bij den aanvang der zitting van 1835 de portefeuille nederleggen. Toen Peel na den val der Whigs in September 1841 een Kabinet vormde, nam Wellington daarin weder zitting, maar zonder zich met een bepaalde portefeuille te belasten. Bij de ontbinding van het Kabinet in Juni 1846 trok hij zich uithet openbaar leven terug. Hij overleed den I4den September 1852 op zijn kasteel Walmer Castle bij Dover en werd den 18den November met koninklijke eer in de St. Paulskerk bijgezet. Op vele openbare pleinen waren reeds bij zijn leven standbeelden verrezen te zijner eere.

Wellington was een man van iets meer dan middelmatige lengte, mager, beenig, met een langwerpig gelaat en een grooten Romeinschen neus. Hij onderscheidde zich niet door genialiteit of stoute denkbeelden, maar door buitengewone schranderheid, een ijzeren wil, koele vastberadenheid en een enbuigbaar plichtbesef. Hij was gehuwd met miss Pakenham, een zuster van baron Longford en liet twee zonen na. De oudste, Arthur Richard, geboren den 3den Februari 1807, de'opvolger van zijn vader als hertog van Wellington, was luitenant-generaalen overleed kinderloos den 13den October 1884 te Brighton, de tweede, lord Charles Wellesley, geboren den 16den Januari 1808, klom op tot den rang van luitenant-kolonel, behoorde als lid van het Parlement sedert 1852 tot de partij van Peel en overleed den 9den October 1858. Diens zoon Henry Wellesley, geboren den 5den April 1846, erfde den titel hertog van Wellington van zijn oom, die na zijn dood (8 Juni 1900) overging op zijn broeder Arthur Charles Wellesley, geboren den 15den Maart 1849.

Welling'toneilanden, een eilandengroep, behoorende tot het Chileensche territorium Magallanes, liggen tusschen 47°30' en 50° 45' Z. Br., voor de Z. W. kust van Chili, waarvan ze door het nauwe Messierkanaal gescheiden zijn. In het W. scheidt het Falloskanaal hen van het eiland Campana. Zij omvatten, naast het hoofdeiland Wellington, dat, 160 km. lang en 60 km. breed, in den Mount Cathedral een hoogte van 1170 m. bereikt, een aantal kleinere eilanden en Vormen de N. lijke voortzetting van den Koningin-Adelaïde- en den Madre-de-Dios-ArchipeL In klimaat, plantengroei en bodemgesteldheid komen zij met het naburige ; vasteland overeen.

Wellingtonia Lindl. (Washingtonia Winsl.) is de naam van een plantengeslacht uit de familie der , Kegeldragers (Coniferae). Het omvat zeer hooge boomen met een hoofdstam, een dikke, niet afschilve-

Sluiten