Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de Hollandsche Maatschappij te Haarlem en in 1837 door de Maatschappij van Nederlandsche Letterkunde bekroond. Hij werd lid van verschillende binnen- en buitenlandsche geleerde genootschappen o. a. van het Koninklijk Nederlandsch instituut, ridder in de Orde van den Nederlandschen Leeuw en eershalve doctor in de letteren. Verder was hij schoolopziener. Hij overleed den 5dcn Juni 1836. Van zijn geschriften vermelden wij: „Verhandeling ter beantwoording der vraag: Welke volkeren hebben de zoogenaamde hunnebedden gesticht" (1815, 2de druk, 1822), „Verhandelingen over onderwerpen uit het gebied der oudheidkunde en godenleer"

(1826), „Over het oud-Runisch letterschrift en ontdekte sporen van hetzelve in ons land" (1824), „Jaarboek van en voor de provincie Groningen" (2 dln., 1821—1832), „Antiquiteiten" (1819—1826 met Eeuvens), „Over de Morini, de Menapii enz."

(1827), „Een beknopte voordracht van de Noordsche mythologie" (2 stukken 1829—1830), „Bijzonderheden uit de geschiedenis der Hervorming in de provincie Groningen tusschen 1546 en 1580" (1832), „Oudheidkundige ontdekking in het Hunsegokwartier" (1830), „Over den voorgenomen doop van den Frieschen koning Radbout door Vulfran" (1839) en „Algemeen overzicht der Romeinsche oudheden in de Noord-Nederlanden" (1846).

Westenrieder, Lorenz van, een Duitsch schrijver, geboren den l8ten Augustus 1748 te München, werd eerst wereldlijk priester, in 1773 na de opheffing van de Orde der Jezuïeten hoogleeraar in de dichtkunst te Landshut en in 1774 in de welsprekendheid te Mü.ichen. In 1776 werd hij lid van de drukperscensuur, in 1778 lid van de Academie van Wetenschappen, in 1786 geestelijk raadsheer en in 1800 lid van het domkapittel te Miinchen. Hij overleed aldaar den lBten Maart 1829. In 1754 verrees er een standbeeld, door Windmann ontworpen, te zijner eere. Ook was hij in 1813 in den adelstand opgenomen. Van zijn geschriften vermelden wij: „Jahrbuch der Menschengeschichte in Bayern" (2 dln., 1783), „Geschichte von Bayern" (2 dln. 1785), „Bayerischer historischer Kalender" (21 dln., sedert 1787), „Beitrage zur vaterlandischen Historie, Geographie, Statistik und Landwirtschaft" (10 dln., 1785—1818), en „Geschichte der bayrischen Akademie der Wissenschaften von 1759 bis 1807" (2 dln., 1805—1808). Zijn gezamenlijke werken zijn in 10 deelen in het licht verschenen 1831—1838)s

Wester, Hendrik, een Nederlandsch opvoedkundige, geboren den 13den Januari 1752 te Garmerwolde, was de zoon van een landbouwer, van wien hij zijn eerste onderwijs ontving, bezocht daarna gedurende korten tijd de scholen te Ten Boer en Lellens en ontwikkelde zich overigens door eigen studie. Op zeventienjarigen leeftijd werd hij winkelbediende te Groningen, bleef daar gedurende 3 jaar en werd toen tijdelijk onderwijzer te Ten Boer, waar hij een verbeterde methode van onderwijs invoerde. In 1784 werd hij door de stadsregeering te Groningen benoemd tot onderwijzer te Oude Pekela, welke betrekking hij tot 1801 bekleedde. Hier maakte hij zich tevens verdienstelijk door de opleiding van onderwijzers. Na de invoering van de wet van 1801, waarbij het ambt van schoolopziener was/ingesteld, werd Wester tot schoolopziener in het Oldambt benoemd. Als zoodanig heeft hij veel

gedaan voor een beter onderwijs, bijv. door bijeen komsten met onderwijzers, door inspectiereizen enz. Hij overleed den 19d,,n Februari 1821 te Oude Pekela. In 1823 werd in de kerk aldaar een gedenkteeken voor hem opgericht; ook in de Martinikerk te Groningen werd een gedenkteeken ter herinnering aan zijn verdiensten geplaatst. Van zijn werken noemen wij: „Dichtmatige lessen", „Gesprek over de Nuttigheid der school", „Gezangen voor de jeugd", „Bevattelijk onderwijs in de Nederlandsche Spel- en Taalkunde", „Over de gebreken in de burgerscholen" (1795, bekroond door de Maatschappij tot Nut van 't Algemeen), „Scüoolboek over de gegeschiedenissen van ons Vaderland" (door dezelfde maatschappij bekroond), „Bijbelgeschiedenis voor de Nederlandsche jeugd", „Mengelschriften voor de jeugd",- „Kort overzicht van de voornaamste oude en latere volken of landen op den aardbol", „Woordenboekje, behelzende een lijstje van minbekende Nederlandsche woorden" en „Woordenboekje, behelzende een lijstje van de meest in gebruik zijnde bastaardwoorden." Wester ijverde voor een verbeterde spelmethode en ging daardoor de invoering van de klankmethode tegen. Zijn spelboekjes zijn: „A B G boek of begin der eerste letteroefening voot kinderen" en „Eerste", „Tweede," „Derde" en „Vierde" of „Laatste spelboekje."

Westerafdeeling: van Borneo. een residentie van het eiland Borneo, bestaat uit het gonvernementsgebied aan de Boven Kapoeas en uit 18 landschappen, waartoe ook de omliggende eilanden behooren, met inlandsch zelfbestuur. Deze landschappen zijn Sambas, Mampawa, Pontianak, Koeboe, Simpang Soekadana,Matan,Landak,Tajan, Sanggan, Sekadau, Sintang, Silat, Soehaid, Salimbau, Piasa, Djongkong en Boenoet. In 1895,gewijzigd in 1900, werd deze residentie administratief verdeeld in de afdeelingen: Sambas, Mampawa, Soengaikakap, Soekadana, Pontianak en Ommelanden, Landak, Tajan, Sanggan en Sekadau en Sintang. In

1908 werd het Empanangebied in het landschap Salimbau, dat vroeger tot de afdeeling Sintang behoorde, bij het rechtstreeksch gebied ingelijfd, in

1909 het landschap Meliau, behoorende tot de afdeeling Tajan. De hoofdplaats is Pontianak. De oppervlakte bedraagt ongeveer 150 000 v. km., het aantal inwoners (1905) 450 929 en wel 374 Europeanen, 38 348 Chineezen, 1 342 Arabieren, 533 andere Vreemde Oosterlingen en 400 332 Inlanders. Zie verder Borneo.

Westeras, de hoofdstad van het Zweedsche lan Westmanland, ligt aan het Malarmeer en aan den mond van de SvartéL Zij is de zetel van een bisschop en heeft een slot, dat vroeger versterkt, was, een dom met den hoogsten toren van Zweden (97 m.) praalgraven van koning Erik XIV en van den rijksbestuurder Svante Sture en (1906) 35 970 inwoners, die een levendigen handel drijven in graan en ijzer. Men vindt er verder een gymnasium, een bisschoppelijke bibliotheek, een stadhuis, een ziekenhuis, het Wasapark enz. De stad is oud, maar regelmatig aangelegd. Vroeger zijn er meermalen belangrijke rijksdagen gehouden.

Westerbaen, Jacob, een Nederlandsch dichter, geboren den 7den September 1599, studeerde te Leiden in de godgeleerdheid, maar bepaalde zich, nadat de Remonstranten door de Synode te Dordrecht veroordeeld waren, bij de geneeskunde. Hij

Sluiten