Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

voedt zich hoofdzakelijk met wormen, insekten enz. Door het knagen aan de bast van jonge planten richt zij dikwijls groote schade aan; ook op het veld is zij schadelijk. Het wijfje werpt jaarlijks drie- tot viermaal 4—8 jongen. De meest bekende vertegenwoordiger van dit geslacht is de IFaterrai(ziealdaar). De a a r d m u i s (Arvicola [Agricola] agrestis Selys) is 10,6 cm. lang en heeft een staart van 3,5 cm. lengte. De ooren komen weinig uit den pels te voorschijn. Deze is tweekleurig; van boven donker zwartachtig bruingrijs, bij de flanken iets lichter, van onderen en aan de voeten grijswit. Zij bewoont de waterrijke streken van N. Europa en leeft in bosschen, struikgewas, langs vaarten en dijken. Haar voedsel bestaat uit wortelen, boombast, vruchten en knaagdieren. Het wijfje werpt in een dicht onder de aardoppervlakte gelegen, rond nest drie- tot viermaal per jaar 4—7 jongen. DeGew one Veldmuis (Arvicola arvalis Selys) is 11 cm. lang en heeft een staart van 3 cm. Van boven geelachtig grijs en op de flanken lichter, is de buikzijde vuil wit gekleurd; de voeten zijn wit. Zij komt voor in Middel- en N. Europa en in W. Azië en bewoont voornamelijk velden en weiden, waarin zij ondiep liggende gangen graaft. Haar voedsel bestaat uit zaden, wortelen, aardappels, grassen enz. waarvan groote wintervoorraden worden opgeslagen. In gevallen van hongersnood wijken gansche scharen uit, waarbij zij over bergruggen en breede rivieren trekken. Het wijfje werpt zes tot zevenmaal per jaar 4—8 jongen. Het meest afdoende wordt zij bestreden door haar natuurlijke vijanden: vossen, wezels, bunsings enz. Treedt zij desondanks te sterk op, dan brengt men zwavelwaterstof in de gangen. Löffler kweekt muizentypliusbacillen in een aftreksel van stroo. Met deze cultuur drenkt hij stukken brood, welke op den akker gelegd worden.

Woensdrecht, een gemeente in de provincie Noord-Brabant, 3587 H. A. groot met (1910) 3589 inwoners", wordt begrensd door de Westerschelde, de gemeenten Bergen op Zoom, Huibergen en Ossendrecht en den spoorwegdam tusschen NoordBrabant en Zeeland. De bodem bestaat tendeele uit diluviaal zand, tendeele uit klei. Het voornaamste middel van bestaan is landbouw. De gemeente is samengesteld uit een deel van het oude markgraafschap Bergen en de voormalige Zeeuwsche heerlijkheid Hinkelenoord. Zij omvat het dorp Hoogerheide, de buurten Woensdrecht en Zuidgeest, de gehuchten Neerheide, Korteweg en Heimolen en den polder Hinkelenoord.

Woensel, Pieter van, een Nederlandsch letterkundige, geboren te Haarlem in 1747, studeerde te Leiden in de geneeskunde en werd nog voor zijn promotie als geneesheer geplaatst bij het korps kadets te Petersburg. Hij onderhield vriendschappelijke betrekkingen met Petrus Camper en Pieter Nieuwland, genoot de gunst van admiraal Kinstergen en vergezelde dezen op een reis door den Levant en Rusland, waarvan hij verslag gaf in zijn: „Aanteekeningen op eene reize door Turkije, Natolie, de Krim en Rusland" (1804). Na zijn terugkeer vestigde hij zich als geneesheer te Amsterdam en gaf er onder het pseudoniem Amurath Efjendi Hekim Bachi in 1792 en vervolgens in 1796, 1797, 1800 en 1801 „De Lantaarn" in het licht, waarin hij de gebreken van zijn tijd hekelde. Tengevolge van het artikel: „Historie van een Trojaensch Paerd",

waarin hij de dwaze ingenomenheid van de Bataaf sche republikeinen met de Franschen aan eenscherpe kritiek onderwierp, deed La Pierre, agent van inwendige politie, den verkoop van het tijdschrift in 1800 beletten. In het geschrift: „De Bijlichter" (1800) maakte hij zich als schrijver van „De Lantaarn" bekend. Hij overleed te'sGravenliage in 1808.

Woensel en Ekkart, een gemeente in de provincie Noord-Brabant, 2941 H. A. groot met (1910) 8975 inwoners, wordt begrensd door de gemeenten Eindhoven, Tongelre, Nunen, Zon c. a., Best, Oorschot, Zeelst en Strijp. De oostgrens wordt door de Dommel, de westgrens door de Eikenreit gevormd. De bodem bestaat grootendeels uit diluviaal zand, langs de Dommel vindt men beekklei. De voornaamste bezigheden zijn landbouw en nijverheid. De gemeente omvat de dorpen Woensel of Kerkeind en Acht en de buurten Limbeekstraat, Bagijnenhoek, Vlokhoven, NieuwAcht en Ekkart, benevens een deel van de buurt Fellenoord.

Woeoksen (Woeoxen, Yoeóksi), een waterrijke rivier in Finland, komt uit het Saimameer, vormt den Imatrawaterval, stroomt in een boogvormigen loop verder en mondt bij Kexholm uit in het Ladogameer. Zijn hoofdwatermassa bereikt echter sedert 1857 langs het kanaal van Kivisalmi en door het Soevantomeer bij Taipale het Ladogameer. Langs deze wegen is de rivier 163, resp. 150 km. lang. Haar meervormige verbreedingen in den middel- en benedenloop beslaan te zamen een oppervlakte van 718 v. km.

Woerden, een gemeente in de provincie ZuidHolland, 1228 H. A. groot met (1910) 5 738 inwoners, wordt begrensd door de Utrechtsche gemeenten Kamerik, Harmeien en Linschoten en door de ZuidHollandsche gemeenten Waarder, Baarwoutswaarder en Rietveld. Het gebied wordt door den Rijn en de Linschoten doorsneden. De bodem bestaat voornamelijk uit klei, in het Z. vindt men laag veen. Tot de gemeente behoort de stad Woerden met haar voorsteden en de polders het Oudeland, Tournooiveld, Snel, Middelland, Kromwijk, Bulwijk, Geestdorp en Breeveld. In de stad vormen handel en nijverheid, in de polders landbouw en veeteelt de hoofdbronnen van bestaan.

De stad Woerden ligt aan den Leidschen Rijn, die haar in een noorder en in een zuider helft verdeelt, aan den spoorweg van Utrecht naar Gouda en aan dien van Woerden naar Leiden. Men vindt er een Hervormde, een Luthersche, een Remonstrantsche, een Gereformeerde en een Roomsch-Katholieke kerk, alsmede een synagoge. Van de overige gebouwen zijn de belangrijkste: het stadhuis, het kasteel, dat thans tot magazijn voor militaire kleeding dient, het gemeene landshuis van het groot-waterschap van Woerden, de stadswaag en de kazerne. De vestingwerken, die in de 18de eeuw zijn aangelegd, worden niet meer onderhouden. Woerden is een oude plaats, die waarschijnlijk reeds ten tijde van de Romeinen bestond. Aanvankelijk behoorde deze plaats aan Utrecht, later kwam zij aan Holland. In 1572 koos zij de zijde van den prins, van 1672—1673 werd zij door de Franschen bezet, in 1787 door de Pruisen ingenomen, in 1813 door de Franschen geplunderd.

Woeringen, een dorpje in de Rijnprovincie

Sluiten