Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TT , . , Snelheid in m.

Hoogte in km. per sec.

Wolkenvorm.

Zomer Winter Zomer Winter

Cirrus 9,50 8,93 24,9 26,8

Cirrostratus .. 8,97 8,40 25,7 22,8

Cirrocumulus . 6,69 6,54 15,1 24,1

Cumulostratus 1,88 1,82 8,2 11,8

Nimbus 1,32 1,24 9,3 10,1

Cumulus (top) 2,33 1,75 8,4 10,7

Cumulus (basis) 1,47 1,11 7,1 14,4

Stratus 0,76 0,77 6,4 10,0

vende wolken (cirri) spelen ook een rol bij de weersvoorspellingen. De dikte der wolklaag bedraagt meestal eenige honderden meters. Bij regenwolken neemt zij dikwijls tot eenige km.'s toe; bij onweersen hagelwolken wordt wellicht een dikte van 10 km. bereikt.

De kleur der wolken is bij opvallend licht glanzend wit; bij doorvallend licht komen echter verschillende nuanceeringen van wit tot blauw,grijs, rood en geel voor.

Wolkenspiegel, een toestel tot bepaling van de richting, waarin zich de wolken bewegen, alsmede van haar hoeksnelheid, bestaat, in den vorm, dien Sprung er aan heeft gegeven, uit twee spiegels, welke met de achterzijde op elkander zijn gelegd. De ééne is voorzien van tinfoelie, de andere is een zwarte spiegel, op beide is de in bijgaande fig. afgebeelde teekening geëtst. Meestal wordt de zwarte gebruikt; de heldere vi ïdt alleen toepassing in gevallen van zwak verlichte wolken. Vóór de waarneming wordt de spiegel horizontaal opgesteld en naar de hemelstreken georiënteerd. Daarna plaatst de waarnemer zich zoodanig, dat hij in den kleinen cirkel in het

midden van den spiegel een karakteristiek punt van de wolk ziet en merkt nu op, in welke richting zich dat beweegt. De tegenovergestelde is de richting, vanwaar de wolk komt. Daarna bepaalt men den tijd, waarin het beschouwde punt over den spiegel een zekeren afstand aflegt. De hoeksnelheid van de wolk is

dan gelijk aan de lengte van dien afstand, gedeeld door het product van het aantal seconden, waarin hij werd doorloopen, en den loodrechten afstand van het oog van den waarnemer tot den spiegel. Kent men verder de hoogte van de wolk boven den spiegel, dan vindt men haar lineaire snelheid, door haar hoeksnelheid met dien afstand te vermenigvuldigen. Andere vormen van den wolkenspiegel, wt lke ook dikwijls nefoskoop genaamd wordt, zijn afkomstig van Braun, Fineman, Abbe enz.

Wollaston, William Hyde, een Engelsch natuur- en scheikundige, geboren den 6den Augustus 1766 te East-Dereham in Norfolkshire, studeerde te Cambridge in de geneeskunde, was als arts werkzaam te Bury St. Edmunds in Suffolk en te Londen

Wolkenspiegel.

en wijdde zich sedert 1800 aan de natuur- en scheikunde. Sedert 1806 was hij secretaris van het Koninklijk Genootschap van Wetenschappen te Londen. Hij ontdekte de smeed- en rekbaarheid van het platina en in het platinaerts twee nieuwe elementen; palladium en rhodium. Verder verbeterde hij het mikroskoop, vervaardigde den reflexiegoniometer en het naar hem genoemde galvanische element, vond den kryonfoor uit en verbeterde de camera lucida van Hooke. Hij overleed den 22slen December 1828 te Londen.

Wollastoniet. Zie Augiet.

Wollastonsche lijnen zijn gekleurde strepen in het spectrum (zie aldaar), die in 1808 door Wollaston zijn ontdekt.

Wollegras. Zie Eriopliorum.

Wollin. een Oostzee-eiiand, behoorende tot het Pr jisische distrikt Stettin,'_is in het W.van het eiland Usedom door de Swine, in het O. van het vasteland door den Dievenow gescheiden en telt op een oppervlakte van 245 v. km. 14 000 inwoners. De bodem bestaat uit een, slechts door de Lebbinsche heuvelreeks afgebroken, zandige vlakte met talrijke meren en bosschen. De kust is met duinen en heuvels van stuifzand bedekt. De voornaamste bronnen van bestaan zijn veeteelt en haringvisscherij. Belangrijke plaatsen zijn Wollin, de zeebadplaats Misdray, Ostwinde en Lebbin.

De gelijknamige stad, gelegen aan den Dievenow en aan den spoorweg Altdamm—Swinemünde, is door drie bruggen met het vasteland verbonden, heeft 4 Protestantsche kerken, een synagoge, een hoogere burgerschool, stoomhoutzaagmolens en scheepstimmerwerven en telt (1905) 4560 inwoners, die zich ook bezighouden met scheepvaart, vischvangst en vischhandel.

Wöllner. Johann Cliristoph von, een Pruisisch staatsman, geboren den 19den Mei 1732 te Döbritz bij Spandau, studeerde te Halle in de theologie, was van 1754—1760 predikant te Groszbehnitz niet ver van Berlijn en wijdde zich daarna aan den landbouw. Door zijn geschrift over „Die AufhebungderGemeinheiten in der Mark Brandenburg"(1766) trok hij de aandacht van Frederik den Groote. In 1780 werd hij benoemd tot raadsheer van prins Hendrik van Pruisen bij den Raad van Domeinen. Door dezen kwam hij in kennis met den prins van Pruisen, dien hij van 1784—1786 onderwijs gaf in de staatswetenschappen. Toen deze in 1786 als Frederik Willem II den troon besteeg, werd Wöllner in den adelstand verheven en in 1788 benoemd tot minister van Staat, belast met de portefeuille van Justitie, en chef van de afdeeling Eeredienst. Hij bezigde zijn invloed vooral tot bevordering van de Luthersche orthodoxie, terwijl hij alle pogingen om vrijzinniger denkbeelden te verspreiden door dwangmaatregelen beperkte. Tot dat einde verscheen den 9den Juli 1788 het beruchte „Wöllner'sche Religionsedikt", waarbij elke afwijking van de leer der symbolische boeken met straf werd bedreigd. Om de uitwerking daarvan te verzekeren werd in December van hetzelfde jaar het „Censuredikt" uitgevaardigd. Na den dood van den koning ontslagen, leefde Wöllner op zijn landgoed Groszries bij Beeskow in Brandenburg, waar hij den 10aen September 1800 overleed.

Wollny, Ewald, een Di'itsch landbouwkundige, geboren den 20sten Maart 1846 te Berlijn, studeerde te Proskau, Halle en Leipzig en werd in 1871 leeraar

Sluiten