Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

OEFEN IN GEN.

94. Een cirkel, die in het horizontale vlak ligt ^dt gewenteld om eene liin in dat vlak, totdat een gegeven punt van den omtr i„ een gegeven vlak komt te liggen. Bepaal de project.en van den

cirkel in dezeni^stan^ ^ constraeeren van een cirkel, die eene gegeven

lijn in een bepaald punt raakt en gaat door een gegeven punt ,n

het96ert0peheVt"oppervlak van een bol een punt te vinden, dat zich oi) gegeven afstanden van de projectievlakken bevindt. .

97° Wanneer een bol, welks middelpunt in de as van projec ie lio-t den aardbol voorstelt en zijne doorsnede met liet verticale vlak als eerste meridiaan aangenomen wordt begeer men de prqertum te vinden van een punt, welks geographische lengte en bieedte

8ef8enDtprojectiën te bepalen van de doorsnede van een bol met oen vlak dat evenwijdig loopt aan de as van projectie en waarvan de doorgangen met de beide projectievlakken in de constructiefiguur

boven de as vallen. ,

99. Wanneer de geographische lengten en breedt punten van den aardbol gegeven zijn

den groeten cirkel te constraeeren , die, over het bo ,lvorm>g oppe. vlak der aarde getrokken, deze twee punten vereenigt.

100 Op het oppervlak van een bol de polen te vin e .

a van den grooten cirkel, die door twee gegeven punten

van het oppervlak gaat; _

b. van den kleinen cirkel, dien men door drie gegeven punten

van het oppervlak brengen kan.

101 De lengte te vinden van de koorde, die in een gegeven bol uit zijn hoogste punt evenwijdig aan eene gegeven lijn getrokken ,.

Sluiten