Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

b. algemeene beschouwingen OVER

kromme lijnen en gebogen oppervlakken.

8 177 Reeds in de gewone Meetkunde hebben wij geleerd, dat elk begrensd deel der ruimte een lichaam is, terwijl de grenzen van t» Kctam vlakke, genoemd worde». De grenzen d,e, vlakke, noemt men lijnen. Deze laatste kunnen recht of krom zijn.

Liggen dl. paoten eener kromme lijn in één plat vlak dan noemt men haar eene vlakke kromme lijn; in het tegenovergestelde geval, spreekt „ie„ van eene lijn van dubbele kromming. Lijnen van dubbele krommm hebben altijd kromlijnige projectiën (vergelijk § 14, 15, IJ, W), de figuren 157, 158 en 159 stellen dergelijke lijnen voor. Zijn d beideDprojectiën gesloten kro.nn.e Ijoen. ,1» is het terJ^dmg van dubbelzinnigheid, noodig dat aangewezen wo.dt «elke dee van deze projee.iën bij elkander betoren; ,n F,g 158 . * aeschied door het aangeven van het punt (. , )• 8-

hebben de beide deelen APB en AQB der kromme dezelfde horizontale

'meeste kromme lijnen, waarmede wij in de Beschrijvende Meetkunde te doen krijgen, ontstaan als doorsneden van gebo0en oppervlakken met platte vlakken of als doorsneden van geboDen oppervlakken onderling. Zoo b. v. hebben wij den cirkel vei kregen als doorsnede van een bol met een plat vlak, of als doorsnede van twee bollen onderling. Ook verkrijgen wij wel kromme lijnen j aanraking van oppervlakken, waarvan wij ook reeds een voorbeeld aantroffen bij den" bol, die door een omhullingskegel o^ door ee omhullingscylinder wordt geraakt volgens een cirkel. W ij kunnen eene kromme lijn ook beschouwen als te zijn de meetkundige plaat,

Sluiten