Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der verschillende punten zijn afgezet met behulp der projectie II. Dit is b. v. voor het punt e nog in het bijzonder aangegeven.

§ 338. Wij hebben pq (Fig. 2G8, § 335) de perspectievische hoogte genoemd van het punt Q, omdat deze lijn in perspectief de hoogte aanwijst van het punt boven het grondvlak. Op dezelfde wijze kunnen wij ook spreken over de perspectievische breedte en de perspectievische diepte van een punt.

Beschouwen wij b. v. in Fig. 269 het verticaal boven A gelegen hoekpunt E van het aldaar in perspectief gebrachte rechthoekig parallelopipedum, en denken wij ons dit punt gegeven door zijne afstanden AA2 = A,R,, AAj = AsR, en h, respectievelijk tot een aangenomen derde projectievlak, tot het verticale en tot het horizontale projectievlak, dan zijn die afstanden — de coördinaten van het punt — hier meer eigenaardig de breedte, de diepte en de hoogte van het punt te noemen. Aan de coördinaatassen RL (R,L,), RY (R,Y,) en RZ zullen wij daarom dan ook respectievelijk de namen: de as 'der breedten, de as der diepten en de as der hoogten geven.

De lijn RO" zal de perspectief van de as der diepten voorstellen, terwijl de beide andere assen in het tafereel gelegen zijn.

Do lijn Rflj is de perspectief van R,A5 en wordt daarom de perspectievische diepte van het punt genoemd; evenzoo is ata de perspectief van A2A en daarom de perspectievische breedte van het punt, terwijl, zooals reeds gezegd is, ae = aie1 de perspectievische hoogte van het punt E is.

Om nu de perspectief te bepalen van het punt, door gebruik te maken van zijne breedte, diepte en hoogte, zetten wij de diepte AA van af den oorsprong R langs de grondlijn uit, vereenigen K met D en bepalen het snijpunt a1 van KD met RO" Trekken wij dan verder uit a, eene lijn evenwijdig aan de grondlijn! totdat deze de lijn 0"S in a snijdt, zoo verkrijgen wij a als de perspectief van de horizontale projectie van E. Door nu nog verticaal boven a de perspectievische hoogte ate2 uit te zetten, vinden wijde perspectief e van het gegeven punt E.

De afstand RK is hier naar links uitgezet, omdat gebruik is gemaakt van het rechter distantiepunt; bezigt men het andere distantiepunt, zoo moet RK naar rechts op de grondlijn worden uitgezet.

Men volgt deze methode bij voorkeur, als men veel punten in perspectief moet brengen, om zoodoende de perspectievische diepten van al deze punten langs de lijn RO" te krijgen, dus buiten de

Sluiten