Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De momenten van willen gelooven en alles verwerpen, wisselen elkander gedurig in zijn leven af.

Hij heeft te strijden naar alle fronten: hij strijdt met God. met de hem omringende menschen en met zichzelf.

Gods trouw houdt het verbondskind echter vast. De ontrouw en de twijfelingen van hem kunnen Zijn trouw niet te niet doen.

Daardoor komt het de gevaarlijke, critieke periode ~ daarbij gesteund door den verstandigen raad en het innige gebed van vader en moeder — in den regel als overwinnaar te boven en gaat het den meer rustigen leeftijd van den volwassene in met de belijdenis : Ik heb het geloof behouden!

Maar ook het volgroeid zijn van het leven is geen afdoende waarborg tegen de twijfelzucht. We wezen daar reeds op bij de bespreking van den religieuzen twijfel. Martensen-Larsen zegt in zijn boek7): „Neen, aan de vraag van den twijfel ontgroeien we niet. Wie dat gelooft, en meent, dat hij haar te boven kwam, zal op een of anderen dag misschien diep verootmoedigd worden. Menig geloovig Christen heeft zelfs nog dicht voor het einde door de diepe wateren van den twijfel moeten waden, en heeft gevoeld, hoe ze hem tot aan de lippen stegen".

Hij vertelt, dat hij zelf wel twintig a dertig jaar door den twijfel is bezocht en geplaagd.8) En van den Godvruchtigen Deenschen theoloog en opwekkingsprediker Rosenius deelt hij ons mee, dat deze levenslang met twijfel en aanvechtingen heeft gestreden. In zijn jongen tijd maakte hij een geweldige crisis van twijfel door. Hij verhaalt, dat de twijfel hem toen dikwijls met zulk een kracht overviel, dat hij er physiek

7) Zweifel und Glaube, blz. 5.

8) A. W, blz. 63.

Sluiten