Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Christus uit de dooden is opgewekt tot de heerlijkheid des Vaders, hg' alzoo ook in nieuwigheid des levens zou wandelen, en zoo houdt hij het daarvoor, dat hij wel der zonde dood is, maar Gode levende is in Christus Jezus, zgnen Heere. Nu zal de zonde over hem niet meer heerschen, want hij is niet onder de wet, maar onder de genade. Zie als boven Rom. 6. Dat alles is het werk Gods in zijn volk. Zoo duidelg'k zichtbaar 'naar buiten, dat er geen twijfel meer overblijft. Het volk van God laat zgn licht schijnen voor de menschen, opdat zg' deszelfs goede werken ziende, God de vader er in verheerlijkt wordt. De Heere heeft zichzelven een eigen volk gereinigd, ijverig in goede werken. Dat volk neemt toe in kennis en in genade; het doodt de leden, die op aarde zgn en kruisigt het vleesch met al deszelfs bewegingen en begeerlijkheden. De geloovigen hebben een hartelijk leedwezen, dat zij God door hunne zonden vertoornd hebben en zg' haten en vlieden dezelve hoe langer hoe meer; zg hebben eene hartelijke vreugd in God door Christus en lust en liefde om naar den wil van God in alle goede wérken te leven; werken, welke vloegen uit de ware bron, het geloof, welke ten regel hebben, de wet van God, en geen ander doel beoogen, dan de eer en de verheerlijking van God. Nu, Paulus zegt in zijnen brief aan de Romeinen, Cap. 11:36: >Uit Hem, en door Hem, en tot Hem zijn alle dingen. Hem zij de heerlijkheid in alle eeuwigheid!" Amen. In onze tekstwoorden heet het: > Wién zij de heerlijkheid in alle eeuwigheid!" Amen.

Het doel Gods in Zijne werken: het werk Gods voor zijn volk, en, het werk Gods in zijn volk, is tot de heerlijkheid van Christus in alle eeuwigheid. Jezus zegt in zgn hogepriesterlijk gebed: »Vader! Ik heb u verheerlgkt op aarde; ik heb voleindigd het werk, dat Gg' Mij gégeven hebt om te doen: en nu verheefcigk Mg; Gg' va-

2

Sluiten