Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vergun anderen dan voor 't minst u op den ganschen gang van het Godsrijk te wijzen, als het voldingendst betoog, dat de werking des Geestes in een zondige wereld niet zonder schokken zijn kan. Yan dat eischen eener „gelij kmatige werking" tot het „ontwikkelingsproces" van hen, die het supranatureele loochenen, is dunkt mij de schrede niet bijster groot!

Ik kom tot de slotsom van mijn betoog.

Dit staat bij allen vast: De toekomst onzer kerk is in de hand van haar „Koning vol Majesteit." Wat wij divineeren, profeteeren, vooruitzien en berekenen, gaat immer uit van de vooronderstelling, dat de Heer machtig is krachten op te roepen, geesten te gebieden, en gebeurtenissen te scheppen, die in ons menschenhart niet waren opgeklommen. Maar zoodra we van uit dat geestelijk middenpunt onzes levens uitgaan naar den omtrek, om te spreken en te handelen, is bewusteloos handelen zonde, en bewustheid van onzen toestand plicht. Dan worden wij geroepen om zoo juist mogelijk te denken, zoo scherp mogelijk voor ons uit te zien, en ons niet door schijn te laten misleiden.

Dat nu is plicht ook bij de gewichtige crisis, die onze kerk thans doorleeft, met het oog op de werking van Art. 23. En daarvan nu zagen we

1°. dat de directe verkiezing der kerkbesturen door de gemeenten, als blijvende organisatie, door het christelijk bewustzijn moet verworpen en met alle kracht moet bestreden worden.

2°. dat de directe verkiezing, gelijk ze naar aanleiding van Art. 23 geregeld is, het beginsel der rechtvaardigheid met voeten treedt, en geen kerkelijke, maar politieke basis heeft.

3°. dat men omtrentden uitslag der directe verkiezingen dusver van orthodoxe zijde zich een veel te gunstig denkbeeld vormt.

Sluiten