Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VI.

EERSTE RAPPORT DER STAATS-COMMISSIE

(benoemd bij Kon. Besluit van 29 Nov., N<>. 66), tot het voorstellen van maatregelen ten aanzien van de slaven in de Nederlandsche Koloniën van 16 Augustus 1855.

Suriname. Met 18 Bijlagen; uitgegeven op last van den Minister van Koloniën, 's Gravenhage, bij de Gebr. van Cleef, 1855. ƒ4,25.

BI. 3, onder de «Redenen waarom de Staats-Commissie vermeent tot opheffing der slavernij te moeten adviseren," lezen wij:

«Naar gelang dat milder beginselen het strafregt hebben gelenigd, is ook de behandeling der slaven verbeterd, inzonderheid sedert dat, na het stuiten van den slavenhandel, het eigenbelang der meesters de inspraak der menschlievendheid ondersteunde."

Deze redenering mag voor den minkundige in koloniale aangelegenheden iets aannemelijks hebben — de ondervinding leert het,hoe wreed en liefdeloos de slaven ook nog heden ten dage behandeld worden. Hetzelfde eigenbelang zoude men bij de hooge prijzen van het vee ook van de veehouders kunnen aanvoeren, en het eigenbelang zoude ook bij hen ten gevolge moeten hebben, dat het vee, en daarmede stelt de slavenhouder ook zijne slaven gelijk, goed behandeld en goed verzorgd

Sluiten