Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dwaasheid verwerpen, en ons gedrongen gevoelen, om allen, zoowel, geleerden als ongeleerden, vromen en goddeloozen, tegen haar te waarschuwen.

Dit is kras, maar niet te kras gesproken, gelijk wij hopen aan te toonen, en de liefde van Christus dringt ons daartoe.

Wij noemen de leer van bet plaatsvervangend straffen onredelijk ; omdat plaatsvervangend straffen op zichzelven beschouwd onredelijk is, en het bovendien onzin zoü zijn, als iemand, nadat hij betaling van schuld, hetzij yan den schuldenaar, of van iemand anders in diens plaats geeischt en ontvangen had, daarna nog zou zeggen : Zie, hoe genadig en barmhartig ik geweest ben, door u al uwe schulden te vergeven. Als éénig mensch op aarde zoo sprak en handelde, zou men hem niet met verachting den rug toekeeren? Hoe kan men dan toch zulk een' onzin en onredelijkheid aan God toeschrijven, en van betaling spreken, terwijl nergens in de Heilige Schriften van zulke betaling, maar overal van de liefde Gods, en van geloof en bekeering, en vergeving en verlossing van zonden gesproken wordt?

Wij noemen de leer van het plaatsvervangend straffen onrechtvaardig; — omdat wij het onrechtvaardig zouden achten, als een aardsche vader of rechter zijnen gehoorzamen zoon of onderdaan zou straffen voor hetgeen anderen hadden misdreven. Ja, wij vragen, zou dat zelfs wel straffen mogen genoemd wordeu? Indien zij zoo straften (?) wat zou het publiek er van zeggen ? Welken indruk zou zulk eene handeling, zoowel op de gehoorzamen als op de ongehoorzamen uitoefenen ? Hoe kan men dan toch met mogelijkheid zulke onrechtvaardigheid en dwaasheid aan God toeschrijven? Zal dan de Rechter der gansche aarde geen recht doen?

Wij noemen de leer van het plaatsvervangend straffen in strijd met de ervaring. Indien toch de Heer in onze plaats

Sluiten