Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

En waar wordt de geestdrift der Jongeren niet ingeschakeld voor den arbeid der Zending? Inderdaad, zelfstandigheid is er. Men zoekt aanraking met geestelijk andersdenkende jeugdbewegingen. Men wil zich niet binden aan een bepaalde kerkelijke gemeenschap. Doch het bloed kruipt, waar het niet gaan kan, en wederzijds heeft men elkander noodig als oude Kerk en jonge vereeniging.

Zelfstandigheid! Over de Kerk der Vaderen wordt in het openbaar optreden der Jongeren-beweging weinig gesproken. De zelfstandigheid laat dit maar slecht toe. Doch er wordt wel over gefluisterd. En in de nabespreking van menig Bijbelsch en maatschappelijk onderwerp wordt toch de Kerk genoemd. Vandaar dat men voorzichtig moet zijn om met krachtige hand in te grijpen tot het kerkelijk maken van dit zelfstandig jeugdwerk (Koers Houden). De opvatting betreffende de kerkelijke wijze van geestelijk arbeiden stuit de Jongeren af. Het ,,be"moederen ligt hun niet meer. De plechtstatigheid schrikt terug. Daar is in het holle schip van den kerkelijken bouw zoo weinig luchtverversching. En de ramen zijn zoo nauw voor het doorlaten van licht. Er is zoo weinig warmte tot het verwekken van een waarachtig leven-koesterende dampkring. Het bestaan der Jongeren ontvangt in de Kerk zoo weinig krachtige stuwing. Aan den buitenkant, naar de zonzijde, daar zoekt het zijn ontwikkeling.

Vlak in elkanders nabijheid bevinden zich alzoo de Kerk en de Jongeren. Ja, zij behooren bijeen. Maar de Kerk doet zoo weinig om haar ruimte te verbeteren, nieuw op te bouwen en te herstellen, zoodat het Jonge leven er een plaats krijgt en er tot bloei kan geraken.

Een zich ontwikkelend bestaan worstelt naar zelfstandigheid. En toch de gedachte aan de helpende gemeenschap, de elkander opvoedende, eensgezinde levenssfeer van het ouderlijk tehuis, raakt niet in het vergeetboek. Een hunkerend verlangen wordt

Sluiten