Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en kracht en overtuiging in, op deze wijze gezongen.

Ds. Coolsma vertelde van psalm 118, de psalm die de Heiland met zijn discipelen zong, 's avonds voor zijn lijden begon, waarvan de veertien verzen van acht regels elk, in een der kerken hier in zes minuten werden gezongen; daar heeft men anders uren voor noodig.

Om de juiste melodie en maat te krijgen zongen het jeugdkoor en de heer Vos telkens een of meer verzen voor. Dat was opgewekt Protestantsch kerkgezang. Vele psalmen zijn tijdens de Babylonische ballingschap angstvallig door de Joden bewaard en later via Esseeërs en anderen in de Christelijke kerk gekomen. Nu werden de psalmen in wisseling gezongen door voorzanger en gemeente of door wisselkoren, de eerste is de responsorische, de tweede de antiphone voordrachtswij ze. Beiden gingen in de Christelijke kerk over. Uit het spraakgezang eenvormig vloeiend, met stembuigingen bij de interpunctieplaatsen (zinseinden), ontstond de eerste Christelijke muziek. Daarnaast ontstonden de hymnen, waarin waarschijnlijk menige wereldlijke melodie vluchtte. Hun levende kracht wordt hierdoor bewezen, dat ze zich door de eeuwen staande hielden, zelfs in de hervorming, Paus Gregorius I bracht met scherp verstand en fijne smaak systeem in den kerkzang. Alles wat goed en bruikbaar was behield hij en latiniseerde hij De Gregoriaansche en na-Gregoriaansche zangen zijn eenstemmig, nooit hartstochtelijk, maar altijd rustig, zooals pastoor Kemper zelde. Door de katholieken werd een negental Gregoriaansche zangen, gezongen, vijf gebedsgezangen, waarvan het recitatief van de eerste drie door pastoor Kemper zelf klaar en zuiver werd gegeven. Dan volgde *n Magnificat, een evangelische lofzang (Lucas 1 : 46—55), en Tè Deum, een waardige koraal-melodie. Verder werd een

Sluiten