Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

handelden dienen. En inderdaad is ook in Nederland de for* meele democratie in haar vrije groepsvorming een groot eind dezen kant opgegaan. De partijen geven minder het on= recht aan en zijn minder advocaten van een bestaande rechts» orde, dan dat zij machtsinstituten zijn geworden, die wen* schen te regeeren. En de overheid is minder een zelfstandige overheid, die luistert naar de stemmen van de ontrechten, dan een overheid die balanceert op de machtsverhoudingen van partijen. Berdjajew zegt ook ons ter waarschuwing: In landen met formeele democratie staat de mensch weerloos bloot aan werkloosheid, armoede en ellende. Hij heeft wel het kiesrecht, maar dat kan hem zijn economische rechten niet verzekeren. De standen zijn opgeheven, alle burgers zijn gelijk voor de wet, maar de maatschappelijke ongelijkheid is er even groot om gebleven. *)

Wanneer de kerk derhalve aandringt op vrije groepsvor* ming en op een juiste verhouding van overheid en onder* daan, dan beteekent dat niet, dat zij op de een of andere wijze ook maar voor een oogenblik de bestaande partijen en partijverhoudingen heeft te sanctionneeren of te steunen. De kerk heeft den plicht de materieele democratie te steunen. D.w.z. zij heeft onrecht inderdaad onrecht te noemen en recht recht. Het doet er niet toe, wie zij daarbij bestrijdt, of wie zij daarbij aanmoedigt. Het doet er niet toe welke partij zij daarbij critiseert of aanmoedigt. Het doet er niet toe of het een meerderheidspartij of een minderheidspartij is. Vrije groepsvorming in een volk mag en kan niet beteekenen sanc* tionneeren van de bestaande partijverhoudingen of partij* programma's.

Men kan de vraag opwerpen of het, wanneer het nu zoo staat met de bestaande partijverhoudingen en hun machts» en onmachtsposities, of het dan maar niet beter is den corporatieven opbouw van een volk ter hand te nemen. Vers

1) N. Berdjajew: Christendom en klassenstrijd, blz. 25 en 26, van Loghum en Slaterus Uitgevers Mij. N.V. 1938.

Sluiten