Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gedenkteeken, dat het Damplein ver tiert, wij drukken op dat woord, is volkomen geslaagd. De publieke opinie — niet de fiktie met dien naam bestempeld; niet het oordeel van één, die het voor dat van allen wil doen doorgaan — de publieke opinie in de ware beteekenis, wij herhalen het, heeft uitspraak gedaan, en zij dwaalde niet. De ontwerper is een kunstenaar die niet

li . - . _

oicmua gevoei*, maar tevens denkt. Zoo zijn niet alle. Doch dit daargelaten. Hij heeft bij de beantwoording der prijsvraag bovendien getoond, dat hij de kunst hoog en heilig houdt, en geen uitgeloofd eermetaal hem verleidt tot transaktie met zijne welgegronde overtuiging. Hij had zelfs den moed om de ttitschrijvers der prijsvraag te regt te wijzen— en zij namen die teregtwijzing niet euvel. Integendeel! van zoodanige kleingeestigheid kon bij die mannen geen sprake zijn. Eere zij beiden. Wij danken er een schooner monument aan , dan het beste, naar dé letter der prijsvraag, had hunnen wezen.

Wij deelden haar, als een historischstuk, in de inleiding op ons feestverslag mede {zie het 1° blad, bh. 3). Men vroeg, bij voorkeur, eene fontein; en de heer van Elven betoogde in de gevorderde memorie van toelichting bij het aanbieden van zijn ontwerp, dat men dwaalde. Hij had gelijk. I Immers tusschen eene fontein en ^ ~~

denkteeken als het onderwerpelijke, kan geenerlei logische overeenstemming bestaan. De ernst en waardigheid voor het laatste gevorderd, zouden ten eenenmale verdrongen of vernietigd .worden door de grillige spelingen der waterstralen. Wat in de prijsvraag dus in zekere mate op den voorgrond stond, wees hij de plaats aan waar het behoorde; Hf] maakte van die hoofdzaak, bijzaak — de.fontein werd een loopend waterwerk. Met evenveel takt, koos hij

van de drie hoofdvormen: triumfboog, zuil of een meer plastisch gewrocht, den meest passenden — zoowel met het oog op de plaats en de beschikbare middelen niet alleen, maar ook indachtig aan het karakter dat het monument hebben moést; en door zich bij den vorm van zuil te bepalen, kon hij a^die gegevens in acht nemen. In de ontwikkeling van dit eens vastgestelde denkbeeld einsr hii met nmvieoi ^

zelfstandigheid te werk, en beroemde buitenlandsche voortbrengselen van dien aard lokten hem niet af van den oorspronkelijken weg, dien hij^na rijp nadenken, als het best doeltreffend gekozen had.

Ook de keuze van materiaal rustte op goede gronden. De steen uit de groeven van Escausines toch, niet buiten het bereik der beschikbare middelen, had beslissend veel voor boven ijzer of zink, dat een verflaag behoeven zou, om het voor roest te beveiligen en er een passend aanzien van steen of edeler metaal aan te geven; —een bedrog dat zich altijd verraadt en ten eenenmale beneden de waardigheid van een monument is. Bovendien zou dit alsdan voortdurend onderhond behoeven en daardoor kostbaar zün: ook zonden de ™™<«.

allengs stomper en onbehagelijker worden

»onaer ae gummende en logenachtige verflaag."

Hoofdvorm en stof vastgesteld zijnde, leidden zuivere smaak en juiste opvatting van het doel der oprigting den kunstenaar verder tot de voltooijing van het ontwerp, dat thans verwerkelijkt zijne plaats met eere inneemt tegenover de beide grootsche gebouwen, Paleis en Nieuwe Kerk, wier verschillende stijlen evenwel de moeijelijkheid der taak zoo zeer verzwaarden. Bij aandachtige beschouwing blijkt echter hoe goed de heer van Elven ook deze wist te overwinnen : hij zocht en vond lijnen en kombinatiën, die het monument in overeen-

Sluiten