Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het begin van dit jaar, heeft de lieer onze School met een treurig verlies bezocht! Een onzer uitnemendste studenten, de heer J. Hessels, die in dit jaar zijn eindexamen zou hebben afgelegd, is ons door den dood ontvallen. Hoewel wjj vertrouwen, dat wijlen onze broeder thans voor den troon juicht, was het evenwel voor onze School eene zware beproeving. De Heere echter geeft geen antwoord van Zijne daden. Hij doe ons daarom in Zijn doen rusten, en Hij leere het studentenpersoneel en ons allen te zaaien er mêe te rekenen — dat er maar ééne schrede is tusschen ons en den dood.

Voorts, geliefde Broeders! geven wij TJ kennis, dat de bezoeken der Docenten aan de huizen der studenten regelmatig worden afgelegd. Voorzoover wij kunnen nagaan, werkt dat vrjj gunstig. Bij onderling overleg heeft het Docenten-Kollegie dien heerlijken arbeid zóó verdeeld, dat elke Docent zijn eigen studenten heeft.

Tevens brengen wij nog ter Uwer kennis, dat telken jare in de maand Öctober, overeenkomstig de wet op het Hooger Onderwijs, door het Kuratorium een beredeneerd verslag van den toestand der Theol. School bjj Z.Ex. den Minister van Binnenlandsche Zaken wordt ingeleverd.

Een dito verslag wordt, volgens diezelfde wet, ingediend in de maand Februari, bij den Edel Achtbaren raad der gemeente Kampen.

Nog een enkel woord over onze financiën. De Heere gaf onze School, wat zij noodig had. Zooals het uit de balans van onzen penningmeester Ds. J. Nedeehoed duidelijk blijkt, gaan wij, met inbegrip der feestkollekten, met onze inkomsten vooruit. Dat is een goed teeken. De Heere moet daarvoor onzen dank ontfangen. De School, waarbij de Kerk zooveel belang heeft, moet stevige wortels in de gemeente slaan, en in dat geval zal er niet alleen voor haar gebeden worden, maar wij zullen ook aan haar onze stoffelijke offers brengen; en, naarmate de Kerk dit begrijpt, zal zij tot Gods eer èn aan haar èn aan anderer heil bevorderlpk zijn. Daarmede, hooggeachte Broeders, stappen wij van dit onderwerp af. Bij den vluchtigen blik, dien wij op onze School sloegen, kunnen wij niet anders dan uitroepen: Loof den Heere, onze ziele en al wat binnen in ons is, Zijnen heiligen Naam. Wij verbeurden alles en de Heere gaf ons zooveel, in Christus schonk Hij ons alles! Hijzelve stemme dan onzer aller harten tot ootmoedigen dank!

Nu iets anders. Toen de Kuratoren in het bezit waren van de Agenda dezer Synode, sprak het van zelf, dat elk onderwerp, hetwelk hier ter tafel zou worden gebracht, onze aandacht trok. Niet het minst trokken die onderwerpen ons aan, die öf rechtstreeks öf zijdelings met onze Theol. School in betrekking stonden. Wjj meenden, op onze laatstgehoudene vergadering te Kampen, dat het op onzen weg lag enkele dier

Sluiten