Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DeGenestet! uw leekedicht

Wordt hier al weer bewaarheid;

-Hier spreidt de Liefde zich ten toon In d' allervolste klaarheid. •

(Stengel, op bestraffenden toon tegen Fustiga:) Wat meerder ernst stond u niet kwaad:

Ga bij Calvijn te rade ; Meer dan dos lèekedichters luim 'Komt u zijn ernst te stade.

(Van Penten, op niet vriendelijken toon tegen Stengel:) Herinnert g' u de Scheeve Gracht Te Adrecht, nommer zeven ? • En weet gij nog, wat antwoord gij Mij daar eens hebt gegeven?

Als vriend bracht 'k u toen onder 't oog

Uw ongereformeerdheid, En gij gaaft ter verschooning op

Uw mindere geleerdheid.

Gij hadt nog.nooit, zoo zeidet gij

De acten nagelezen-, Die men belijdriisschriften noemt!

Dat zal nu anders wezen.

Want gij behoort nu tot den kring

Der „dieper|j ingeleiden" 5 Toch kan 'k u, hoe g' er ook mee dweept,

Uw voorrecht niet benijden.

Wat zijt ge eensklaps omgekeerd!

Och ja, de winden, waaien Niet altijd uit denzelfden hoek ;

Wie zou dan niet eens draaien ?

En 't is niet onvoordeelig vaak; Want in den wind, mijnheeren!

Sluiten