Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat Gods beeld in Adam zou uitgedrukt geworden zijn, zonder zulk een hemeisöhen luister. En als ik mag .uitdrukken wat ik werkelijk geloof, zou ik zeggen dat de Geest Gods scheen in Adam en door hem, en dat de Geest Gods in hem sprak, en velen denken in dat opzicht even als ik. God was de verlossing van Adams aangezicht en nog meer zijn licht, daar hij naar het beeld Gods geschapen was. O, wat plaats was het paradijs! en wat was daar te zien! Daar was God de Vader, en Christus het uitgedrukte beeld Zijner zelfstandigheid. Daar was ook Adam, naar Christus beeld geformeerd, als het voorbeeld desgenen die komen zoude, en daar was Eva, het beeld en de heerlijkheid des mans. Dit beeld was het edelste werk in de schepping. Wijsheid en macht treden in al het werk der natuur te voorschijn, en waarheid en trouw in de getijden des jaars. Gerechtigheid en oordeel blijken uit de oorlogen en opschuddingen die in deze wereld plaats hebben. Maar Gods beeld in Adam had een trek van iedere volmaaktheid in de goddelijke majesteit en daarom was het het edelste werk. Dit wordt ons nog duidelijker als wij opmerken dat alle Gods uitverkorenen, zijn voorverordineerd om eeuwig in heerlijkheid te zijn. „Mijn vader werkt tot nu toe, en Ik werk ook." Hetgeen mij leidt tot het volgende hoofdpunt, waarin

3 '. wordt aangetoond, dat het voornaamste en onwaardeerbaarste in het gansche beeld Gods in den mensch het leven was. Dit kan men besluiten uit drie bijzonderheden, die bij de schepping plaats hadden.

1 . God blies in Adam, en wat volgde daarop? „Alzoo werd de mensch tot eene levende ziel." Hij kwam niet alleen te voorschijn met een bezield lichaam, maar er wordt hier een bijzonderen nadruk gelegd op het woord, „levende ziel." Hij had goddelijk leven in zijne ziel. Dit blijkt uit Gods Woord. God zegt tot Ezechiël: „Profeteert tot den geest, profeteert menschenkind, en zegt tot den geest: Zoo zegt de Heere, Heere; Gij geest komt aan van de vier winden en blaast in deze gedoodde, opdat zij levendig worden," Ezech. 37 : 9 en vers 14. „En Ik zal mijnen geest in U geven en gij zult leven.

Sluiten