Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

En al die werelden omhoog,

Die eens uit niet verrezen, De ontelbre wondren, die wij zien, Wat zijn ze weer gering misschien,

Bij aU' wat God deed wezen!

Wij zinken in verbazing neer

Voor 't scheppend Alvermogen! Wat wordt des menschen werk gering, En heel deze aarde een beuzeling, Hoe groot ook in onze oogen!

Gij, Schepper, Vormer, Oorsprong, God, Wiens lof wij staamlend zingen!

Gij, Heer van leven en van dood!

Oneindige! slechts Gij zijt groot, Al 't andre beuzelingen.

Sluiten