Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de Geest het hem niet leerde en openbaarde. O! de Geest deed mij zien wat Hij in mg al gewerkt had en wat ik door genade was deelachtig geworden.

De Heere was mg'n ziel ook nog eens goed, 's avonds tusschen acht en negen uur, wanneer ik in mijn slaapstede mg' op mg'n knieën schikte, om mg'n hart voor den Heere uit te storten en mg'n begeerten aan Hem . bekend te maken; de Heere kwam mij als te overschaduwen en zichzelven aan mgn ziel te vertegenwoordigen; Hg' ontdekte zich in zgn heerlgke deugden en volmaaktheden aan mg', gelijk Hg' zich weleer aan Mozes openbaarde; Hg' toonde mg', dat Hg* mg'n God in Christus geworden was en dat Hij was de Heere God, genadig, barmhartig, lankmoedig en groot van weldadigheid en waarheid. Ik zonk weg voor den Heere in kleinheid en nederigheid; ik zag mij als zondig stof en asch, met Abraham op mg'n aangezicht voor den Heere vallende, en beschouwde mg' minder dan een druppel aan den emmer en dan een stofje aan de weegschaal, ja, dan een made of worm; daarom verfoeide ik mij in stof en asch, en ik moest zeggen: „Heere! met het gehoor der ooren heb ik wel gehoord, dat Gij zulk een God voor uw volk zijt geworden in den dierbaren Heere Jezus, maar nu kan ik het gelooven, want met mgn zielsoogen aanschouw ik U nu." — Ik hield bij den Heere aan: Hij mocht mij toch geheel heiligen, om voor Hem zonder zonden te leven, om voor Hem en tot zgn dienst te werken, zoolang ik in dezen aardschen takernakel woonde; of anders hield ik aan, als het met zgn raad kon bestaan: Hij mocht mg met Paulus ontbinden, om toch uit het vleesch uit te wonen en bg den Heere in te wonen, om dan eens zonder zonden volmaaktelgk voor Hem te leven. Ik zeide: „Ik zal immers weêr opnieuw tegen u zondigen, wanneer ik nog langer in dit lichaam der zonden moet blg'ven?" — Ik was al buiten mgzelven en wist niet of de hemel in mg'n ziel, dan of mgn ziel in den hemel was; ik kon alles niet onderscheiden, wegens al het zalige en heerlgke, dat mg'n ziel in dien zaligen God aanschouwde.

Het gebeurde eens, wanneer ik te Zevenhuizen langs den weg wandelde, dat mgn ziel zich werkzaam bevond in heilige overdenking en dat ik, al voortgaande, werd ingeleid in de dierbaarheid en voortreffelijkheid van den Heere Jezus en in mg'n zalig deelgenootschap aan Hem, zoodat ik zeggen kon: „Mg'n Liefste is mgn, en ik ben zgn." — Mgn overdenkingen van Hem waren mg zoet; ik kon mij in den Heere verblijden.

Sluiten