Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

stof werd luizen. 4. Daar kwam allerlei ongedierte. 5. Ook ontstond er een zware pest.

11. En de vijf laatste plagen?

6. Menschen en beesten werden bezocht met booze zweren. 7. Het land werd met hagel en bliksèm geplaagd, en (8) met eene menigte sprinkhanen. 9.. Daar kwam duisternis over geheel Egypte. 10. Al de eerstgeborenen stierven.

12. Van welke uitwerking was dit alles?

De koning liet de Israëlieten eindelijk uittrekken.

13. Wat kregen de Israëlieten mede? Veel goud en zilver van de Egyptenaren.

14. Welk feest stelde God in dien tijd in? God gebood, dat zij elk jaar het Paaschlam

en ongezuurde brooden zouden eten.

15. Roe groot was het getal der Israëlieten toen?

Zes maal honderd duizend mannen, behalve de kinderen.

Exod. 1 tot 13. 14.

1. Waar gingen de Israëlieten heen? Zij trokken naar de Roode zee.

2. Waarom kozen zij dien weg?

God wees hun dien weg, bij dag door eene wolkkolom, en bij nacht door eene vuurkolom,

3. Roe kwamen zij over die zee? God deed het water weggaan.

B 2 4. En

Sluiten