Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

5. Werden hunne ellenden nog vermeerderd? Ja; eene menigte Zeloten, of ijveraars voor

de wet, richtten de gruwelijkste moorden en Rverwoestingen aan.

6. Wat deed de landvoogd toen?

Hij trok met een groot leger op, verbrandde 1 vele steden en dorpert , en vermoordde de inwoners.

7. Wat volgde hierop?

Een bloedige oorlog, waarin de Romeinen eindelijk verjaagd en verslagen werden.

8. Verbeterde dit den toestand van de Jóden ? In het geheel niet, want zij waren tegen

■ elkander verbitterd, zoodat de besten het land (verlieten; ook hadden zij de wraak der Romeinen te vreezen.

9. Hoe ging het ondertusschen met de Chrisltenen in Judéa?

Zij gedachten, dat de Zaligmaker de ver1 woesting van Jeruzalem voorzegd had, en ver| trokken naar Pella, eene kleine stad over de 1Jordaan.

47.

1. Wat deden de Romeinen , om de Joden \te straffen?

Zij zonden den veldheer Vespasianus, die al (de steden der Joden ten onder bracht, en daarop i naar Jeruzalem optrok.

2. Kwamen de Joden toen nog niet tot )vreedzame gedachten?

Sommigen wilden zich onderwerpen, maar de

mees-

Sluiten