Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

patroons van de nieuw-testamentische exegese maken? Ik doe deze vraag aan Prof. Van der Leeuw, zooals ik haar in anderen vorm en in ander verband aan Prof. Brouwer gesteld heb met het oog op de kerkorde. Het is hier de plaats niet dit nader uit te werken. Ik wil er alleen met nadruk de aandacht op vestigen. Dat wil daarom niet zeggen, dat ik klaar ben op het stuk van den eeredienst, zooals Van der Leeuw schrijft. Maar het beteekent wel dat ik de liturgie niet als een archaeologische aangelegenheid zou willen behandeld zien, een reconstructie, maar als een zaak van onze eigen gereformeerde menschen.

Over De Phaenomenoloog heb ik al gesproken. Ook over sommige dingen onder het kopje Orde. Van der Leeuw geeft toe, dat elk der deelen van den eeredienst op een afzonderlijke wilsuiting van God rust. Het beginsel van de orde zoekt hij dan echter in een middelpunt, een brandpunt. En zegt dan ronduit, dat wij het over dat brandpunt niet eens zijn. Dat is juist en nog iets meer dan in de laatste woorden ligt opgesloten. Want ook het bestaan van een eigenlijk brandpunt is in kwestie. De preekstoel kan dat nooit in dien praegnanten zin zijn als het altaar. Het Woord is reiziger en ook wij hebben in den dienst geen blijvende plaats. Wel is het Sacrament tot op zekere hoogte een Blijver, maar de aanwezigheid van het Woord maakt, dat het als zoodanig nooit absoluut middelpunt of brandpunt kan worden. Zoo statisch is de gemeente en is ook de eeredienst weer niet.

Waar dus de preek geen eigenlijk brandpunt van een cultus kan zijn1), en het Sacrament ook slechts in betrekkelijken zin, daar moet voor de uitbeelding van onzen eeredienst een andere figuur dienen dan die van omtrek en middelpunt, of ellips met twee brandpunten, waarbij men er over zou kunnen verschillen, welke de voornaamste was, de preek of het nachtmaal. Hoogstens zou men de lijn der prediking een parabool kunnen noemen, die rondom het sacrament inbuigt, zonder zich echter te sluiten. De prediking blijft vrij, blijft reiziger.

Van der Leeuw wil het middelpunt blijkbaar niet zoeken in aanbidding en belijdenis (167). Zij zijn in de brochure van Gerretsen, van 1911, heel sterk naar voren gebracht en de Groninger hoogleeraar verwijst in dit verband naar den Haagschen prediker. Deze noemt

i) Gerretsen — dien ik inmiddels gelezen heb — Van der Leeuw kan gerust zijn zet de preek wel in 't middelpunt, maar spreekt tegelijk van op den voorgrond staan en dat is zijn eigenlijke bedoeling.

Sluiten