Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

In de groote concertzaal van het Gebouw voor Kunsten en Wetenschappen werd de meeting op het aangewezen uur door Prof. Harting met een hartelijk en geruststellend woord geopend. Het was een machtig schouwspel, in breede reien daar al die mannen samen te zien, die elk naar hun overtuiging anders in den schoolwetstrijd zoo scherp tegenover elkander staan, en niet zonder gespannen verwachting zag men den uitslag te gemoet van de dubbele worsteling, die ons te wachten stond.

Nauwelijks had dan ook Prof. Harting het voorzitterschap aan den heer L. Mulder overgedragen, of al aanstonds signaleerde zich de dubbele strijd, die gestreden stond te worden: die der democratie tegen het liberalisme, en die van de vrije tegen de staatsschool.

De strijd van de democratie tegen het liberalisme lag natuurlijk in het vraagstuk der schoolplichtigheid. Die der vrije tegen de staatsschool in de aanneming of verwerping der door bovengenoemde commissie voorgestelde amendementen.

De heer Verhagen uit Goes, voerde de vergadering aanstonds in het hart van de eerste worsteling, door het principieel voorstel: dat de vergadering allereerst zich ten doel zou stellen een wet op de schoolplichtigheid van de hooge regeering te verkrijgen.

Men begrijpt het gewicht van dit debat. De partij, gewoonlijk die der radicalen genoemd, is meer dan een tweedrachtig gezelschap, ze is een samenkoppeling van twee fracties der revolutionairen die, hoe na ook verwant, dood-vijandinnen van elkander zijn. In de ontwikkeling der revolutie baart de liberale partij altijd een

Sluiten